Nieuw! Drama-activiteiten naar aanleiding van nieuwsberichten. In deze internetuitbreiding vindt u de derde aflevering.

Vanaf het januarinummer 2012 van Praxisbulletin vindt u hier een nieuwe reeks van De Dramatheek: spelsuggesties naar aanleiding van nieuwsberichten.
Uitgaande van een recent nieuwsbericht krijgt u dan steeds de drie opdrachten te zien, die ook in dit inleidende artikel zijn beschreven: het bericht zelf, wat er gebeurde vóór het krantenbericht, wat er gebeurde na het krantenbericht. In deze internetuitbreiding vindt u de derde aflevering.

Wekenlang heeft het ongeluk met het cruiseschip de Costa Concordia het nieuws overheerst. Omdat er nogal wat slachtoffers zijn gevallen, lijkt dit bericht op het eerste gezicht wellicht wat te zwaar op de hand voor onze leerlingen. Aan de andere kant spreekt het enorm tot de verbeelding. Iedereen vergelijkt de Costa Concordia met de Titanic, die in april 1912 (dus bijna 100 jaar geleden) verging. Er zijn ook veel heldenverhalen te vertellen over de situatie rond de Costa Concordia. De meeste opvarenden zijn gelukkig gered. De kapitein die als een van de eerste het schip verliet, is ook nogal mysterieus. Al met al genoeg redenen om scènes na te spelen rondom de ramp met dit grote cruiseschip.

Het bericht zelf

Op 14 januari 2012 liep een groot luxe cruiseschip vast vlak voor de Italiaanse kust. Het schampte tegen een rots, waardoor de romp scheurde. Langzaam maar zeker kantelde het schip, waarna het begon te zinken. Veel mensen raakten in paniek. Gelukkig werden bijna alle opvarenden gered. Er werden meteen veel vragen gesteld. Hoe kwam het dat het schip zo dicht bij de rotsen voer? Waarom was de kapitein zo snel van boord?

Hier vindt u het nieuwsbericht: Luxe cruiseschip loopt vast

Wat gebeurt er voor het bericht?

SCÈNE 1
De sfeer op een cruiseschip is heel bijzonder. Er zijn restaurants waar mensen in deftige kleding sjiek dineren. Er zijn danszalen waar mensen discodansen, of juist een mooie wals laten zien. Er zijn winkeltjes en casino’s. Verzin een paar personages die op het cruiseschip aanwezig zijn. Bijvoorbeeld:
Een deftig echtpaar.
Twee rijke zussen.
Een oude dame dat haar eigen personeel mee heeft genomen op reis.
Een ordinaire dikke man die eigenlijk niet echt bij de rest van het gezelschap past.
Een kelner, die in een van de restaurants werkt.
Een matroos, die het dek moet schrobben.
Een kamermeisje, dat alle hutten keurig schoonmaakt.
Welke personages kun je nog meer verzinnen?

Zet in verschillende hoeken van de klas een decor neer van bijvoorbeeld:
– de eetzaal
– een danszaal
– een casino
– een luxe hut

Bepaal welke personages zich in welk gedeelte van het schip bevinden. Speel eerst rustig, gedurende een minuut of vijf, de normale situatie op de verschillende plekken na. Hoe deftig is het restaurant? Wat eten de mensen? Hoe gaat het in het casino? Staat iemand op het punt om een groot bedrag te winnen? Is het gezellig in de danszaal? Is er misschien een danswedstrijd gaande?

SCÈNE 2
Men denkt dat de kapitein zo dicht langs de kust heeft gevaren om een van zijn bemanningsleden een plezier te doen. Zijn hoofdkelner zou eigenlijk een week eerder vrij zijn, maar was langer aan boord gebleven om iemand anders te vervangen. Als bedankje is de kapitein zo dicht langs het eiland Isola del Giglio gevaren, omdat die kelner daar vandaan kwam. Daardoor liep het schip tegen de rots.

Speel na hoe de kapitein op de brug staat en trots zijn bemanningslid bij zich roept.
Kapitein: Ik heb een verrassing voor je. Blijf kijken!
Kelner: Waar zijn we? We varen een andere route dan normaal.
Kapitein: Blijf maar kijken. Ik wil je bedanken voor je hulp. Eigenlijk was je vrij, maar je bent toch aan boord gebleven toen dat nodig bleek. Daarom doe ik iets voor jou.
Kelner: Varen we niet te dicht bij de kust?
Kapitein: Kijk… je eiland! Je kan naar je ouders zwaaien, en naar je verloofde.
Kelner: Wat mooi! Dank u wel. Ik heb het eiland nog nooit van deze kant gezien. Dat is een mooie verrassing, kapitein!
Kapitein: Je hebt het verdiend.
(Leerkracht maakt een geluid waaruit blijkt dat het schip ergens tegenaan botst)
Kelner: (angstig) Wat was dat? U hebt iets geraakt.
Kapitein: (zenuwachtig) Dat was … dat was niets. Niets. Vergeet het. Het is niet gebeurd. Kom. We gaan naar de eetzaal. We gaan wat eten. De stuurman neemt het wel over.
Kelner: Maar weet u wel zeker dat alles in orde is. Het schip voelt zo… ik weet het niet… anders.
Kapitein: Niet zeuren. Was je blij om je eiland te zien, of niet? Wil je wat eten, of niet? Zeur dan niet zo en kom mee.
(Kapitein en Kelner verlaten de brug)

Het spelen van het bericht zelf

VERVOLG VAN SCÈNE 1 (ZIE HIERBOVEN):
Op het teken van de leerkracht (een geluid zoals een slag op de trommel, of een fluitje) ‘horen’ de personages een luide bons. Het schip zakt steeds schever. Hoe reageren de personages? Hebben ze meteen in de gaten dat er iets mis is, of proberen ze nog hun toetje op te eten, hun spelletje af te maken, of hun wals te dansen, ook al wordt dat steeds moeilijker? Hoe reageert het personeel? Laat bijvoorbeeld de kelner in paniek raken, de matroos doet alsof er niets aan de hand is, en het kamermeisje begint zwemvesten uit te delen (waar de matroos het niet mee eens is).
Er onstaan kleine ruzietjes, bijvoorbeeld over die zwemvesten, maar ook over of het spelletje in het casino moet worden afgebroken of niet. Verzin nog een paar problemen!

Langzaam maar zeker wordt duidelijk dat er echt gevaar heerst. Hoe reageren de gasten? En het personeel?
Speel na hoe ze elkaar helpen. Bedenk van tevoren waar de reddingssloepen liggen. Maak bijvoorbeeld van een paar omgekeerde tafeltjes een reddingsboot.
Misschien laat die dikke ordinaire man nu zien dat hij uit het goede hout is gesneden. Hij helpt iedereen, terwijl het deftige echtpaar anderen wegduwt om maar als eerste bij de reddingsploeg te komen.

Wat gebeurt er na het bericht?

Maak van een aantal tafels het schip. In het schip zitten twee gasten en een matroos. Ze kunnen het schip niet af, want alle reddingsboten zijn al weg. Bovendien zat de deur van de kamer waar ze in waren lange tijd klem. Aan de andere kant van het klaslokaal is het land. Tussen het grote schip en het cruiseschip drijven twee reddingssloepen (twee omgedraaide tafeltjes). De meeste mensen zijn gelukkig heelhuids van het schip kunnen komen. Ze drijven in de reddingsbootjes naar het vasteland. Toch zijn er nog mensen aan boord. Niet iedereen kon snel genoeg naar de reddingsboten komen. Op de reddingsboten zitten mensen die meteen naar het land willen varen. Er zijn ook mensen die terug willen om anderen te redden. Het wordt een fikse ruzie.
De mensen die naar het land willen zeggen:
-Als we teruggaan lopen we zelf weer gevaar. We kunnen beter eerst zelf naar de kant gaan, en dan professionele duikers of reddingswerkers terug sturen.
De mensen die naar het schip willen zeggen:
-We kunnen niet te lang wachten. Als we ze nu niet redden, is het misschien te laat. We moeten terug.

DAPPER GENOEG?
Wat gebeurt er uiteindelijk? Bedenk welke personages dapper genoeg zijn om terug te gaan. De twee reddingsboten gaan naast elkaar varen. Degenen die niet durven, gaan in een sloep zitten. Diegenen die terug willen naar het cruiseschip gaan in de andere sloep. Zij varen terug naar het cruiseschip en gaan op zoek naar de anderen. Het wordt nog spannend of het gaat lukken om ze te redden. Speel na hoe moeilijk het is om de deur los te krijgen waar ze achter zitten. Het schip is scheef gezakt, beweegt, en is glad. Ze moeten elkaar helpen om weer bij de reddingsboot te komen. Uiteindelijk varen ze samen terug naar het vasteland.

Speltips

Eigenlijk maakt de klas een soort ‘rampen-avonturen-film’ op het toneel. Dat betekent dat de emoties groot moeten worden gespeeld. Angst en paniek moet flink worden aangezet, en als mensen ruzie met elkaar hebben, dan moet dat ook goed te horen zijn. Tegelijkertijd moeten de spelers laten zien dat het schip scheef is gezakt. Dat is niet eenvoudig, omdat de vloer van het klaslokaal natuurlijk gewoon recht is. Oefen van tevoren met de spelers hoe ze kunnen laten zien dat ze niet meer recht kunnen lopen, bijna vallen, of zich goed aan elkaar moeten vasthouden om op de been te blijven.

De tafeltjes kunnen (omgedraaid) het schip voorstellen. Op de casinotafel kunt u een doek gooien en wat spelkaarten neerleggen. Voor de scènes in het restaurant kunt u het beste wat plastic servies en bestek meenemen, zodat de spullen kunnen vallen zonder dat er ongelukken gebeuren. Met wat touwen en opblaasbanden ziet het er helemaal overtuigend uit.

Links

Bericht over de kapitein die te dichtbij de kust voer
Foto’s, ook van de reddingsactie

Serie: De dramatheek

Lees ook de andere artikelen uit deze serie: