De Waddenzee… Wadlopen, zeilen, zeehonden spotten, de eilanden ontdekken, een weekendje weg, uitwaaien… De Waddenzee is aantrekkelijk voor mensen. Maar we moeten er wél een beetje zuinig op zijn, want het is als natuurgebied van onschatbare waarde. Het is het meest bijzondere natuurgebied van Nederland én het grootste natuurgebied van Europa.
In dit artikel wordt een deel van het geheim van de Waddenzee onthuld. Met twee voorbeeldlessen en aanvullende activiteiten.

Bestanden

Klik op de naam van het bestand om het te openen.

Uitbreidingen

Wat maakt deze grote modderpoel nu eigenlijk zo bijzonder?

In het waddengebied komen miljoenen trekvogels langs, die op wadplaten, kwelders, strand en duin komen eten of broeden. Er zitten namelijk gigantisch veel schelpdieren, wormen, krabbetjes en ander lekkers in de wadbodem verstopt. Bovendien groeien veel vissen uit de Noordzee op in het water van de Waddenzee. Eigenlijk is het één grote kinderkamer. Je vindt er de meeste kwelders. En bijna alle zeehonden van Nederland wonen in de Waddenzee!
We willen graag dat alle kinderen van Nederland – al is het maar één keer – met hun voeten in de waddenprut hebben gestaan. Behalve dat dit een ervaring is, die je je leven lang niet meer vergeet, hopen we, dat hierdoor alle kinderen óók van het waddengebied gaan houden!
Om iedere leerling de mogelijkheid te geven om dit bijzondere gebied te leren kennen, is er nu de Waddenzeeschool.

De Waddenzeeschool

Project van de waddencentra

De Waddenzeeschool is een project van de waddencentra op de waddeneilanden, die zich hebben verenigd in de Stichting Waddencentra. De Waddenzeeschool is opgericht om iedereen tijdens zijn/haar schoolcarrière een wadbeleving te geven. Met steun van het Waddenfonds wordt de Waddenzeeschool uitgebouwd, met onderdelen voor alle leerlingen van 6 tot 18 jaar.
Op de website www.waddenzeeschool.nl staan educatieve programma’s, die bestaan uit lesmateriaal, dat op school gebruikt kan worden, eventueel gekoppeld aan een buitenprogramma op een van de waddeneilanden.
Maar ook voor scholen, die niet in de gelegenheid zijn om af te reizen naar het wad, biedt de Waddenzeeschool genoeg. De Waddenzeeschool is dé informatiebron over educatieve producten in het waddengebied, voor leerkrachten én leerlingen uit het hele onderwijsveld.

Voor elke leerling een wadbeleving

Sinds maart 2010 staan het lesmateriaal én de buitenprogramma’s voor het basisonderwijs op de website. Binnen de leerlijn is er een opsplitsing gemaakt tussen lessen die bruikbaar zijn in groep 3-4 en lessen voor groep 5-8. Voor alle groepen zijn er lessen over strand en zee, de duinen en het wad. Voor groep 5-8 zijn er daarnaast ook lessen over de kwelder.
Lesbeschrijvingen en werkbladen (in pdf-formaat) zijn te downloaden en te gebruiken in de klas. Er is gekozen voor een grote verscheidenheid aan werkvormen. Bijvoorbeeld: proefjes, spellen, creatieve werkvormen, interactieve werkvormen, verhalen, enzovoort. Ook staan er op de website links naar allerlei leuke en bruikbare filmpjes over de Waddenzee. Voor extra achtergrondinformatie is er een uitgebreide zee-encyclopedie gekoppeld aan de website. En speciaal voor kinderen is er het onderdeel Wad voor kids.
Om u kennis te laten maken met de Waddenzeeschool, volgen nu twee lessen en twee (kort beschreven) aanvullende activiteiten, die alvast een voorproefje vormen op de lessen van www.waddenzeeschool.nl.
Nota bene: de lesbeschrijvingen in dit artikel zijn bedoeld voor groep 5-8, maar zijn met wat aanpassingen zeker ook te gebruiken in groep 3-4!

Les1 het raadsel van het poephoopje (introductieles)

Doel

Introductie van het thema. De kinderen worden geprikkeld om na te denken over de Waddenzee.

Materialen

– Foto: het raadsel van de dag. De grote versie van deze foto is te vinden in de extensie van dit artikel.

201005waddenzee-klein
– Kaart van Nederland.
– Wadden (uitzending van Het Klokhuis), te vinden op www.waddenzeeschool.nl.

Groepsgrootte

Klassikale les.

Tijdsduur

• Inleiding: 10 minuten.
• Kern: 15 minuten.
• Afronding: 25 minuten.
(Totaal: 50 minuten.)

Inleiding

• De Waddenzee is het meest bijzondere natuurgebied van Nederland. Maar hoe is dit thia nu te introduceren in de klas? Het moet de kinderen duidelijk worden, dat deze grote moddervlakte niet alleen heel bijzonder is, maar bovendien voor hen interessant is. Dit gaan ze zélf ontdekken!
• U vertelt niet dat het thema De Waddenzee is. Maar u introduceert het onderwerp aan de hand van een foto. Op de foto is een spaghettivormig hoopje modder te zien. Het is een typisch wadplaatje. Het gaat om het poephoopje van een wadpier. De wadbodem zit vol met deze wormen.
• U hangt de foto aan het begin van de ochtend op het bord, maar u vertelt er nog niets over. U kunt de foto introduceren als het raadsel van de dag. Laat de kinderen bedenken wat het zou kunnen zijn. En vooral ook waar het te vinden zou kunnen zijn. Geef de kinderen ook de gelegenheid om de informatie op te zoeken. Bijvoorbeeld op het internet. Laat de foto de hele dag op het bord hangen.

Kern

• Op het moment dat u met het thema De Waddenzee gaat beginnen, bespreekt u met de kinderen wat het antwoord op de vragen (Wat is het? Waar is het te vinden?) zou kunnen zijn. Dan vertelt u wat de foto voorstelt en wijst u het waddengebied aan op de kaart.
• Op de foto is het poephoopje van een wadpier te zien. De bodem van de Waddenzee zit vol met deze wormen. Wadpieren eten zand. En alles wat er in dat zand leeft – zoals algen – verteren ze. Het schone zand poepen ze weer uit. Om aan voldoende voedsel te komen, moeten ze veel zand eten. Wel 3,5 liter per jaar!
De wadpier leeft in een U-vormige buis. (Zie: figuur 2 ) Aan de ene kant van de buis eet het diertje. Daar ontstaat een gaatje in de wadbodem. Aan de andere kant poept de wadpier het zand weer uit. Zo ontstaat het poephoopje.
• U schrijft het woord Waddenzee op het bord. Zo kunt u een klassengesprek op gang brengen over de Waddenzee. Vraag de kinderen wat ze over dit onderwerp al weten en wat hun ervaringen zijn met het gebied. Vertel in het kort dat de Waddenzee een heel bijzonder natuurgebied is. Maak een woordweb op het bord.

Afronding

• Laat tot slot de uitzending Wadden (van Het Klokhuis) zien. Bespreek de uitzending met de kinderen na.
• Laat de kinderen nogmaals noemen wat de Waddenzee zo bijzonder maakt en schrijf de antwoorden op het bord. Noem daarbij ook het belang van de Waddenzee voor trekvogels.
201005waddenzee 2

Les 2 voel je vet! (knikkerspel)

Doel

De kinderen ervaren hoe het is om als wadvogel voedsel te zoeken in het wad.
Materialen

– Platte bak, gevuld met zand en water.
– Tien knikkers.
– Stopwatch.
– Blinddoek.
– Potlood en papier.

Groepsgrootte

Groepjes van 3 à 4 leerlingen.

Tijdsduur

• Inleiding: 10 minuten.
• Kern: tijdsduur is afhankelijk van de groepsgrootte.
• Afronding: 5 minuten.

Inleiding

• U blikt met de kinderen terug op les 1 (introductieles). Een van de dingen die de Waddenzee zo bijzonder maakt, is dat het een soort wegrestaurant voor trekvogels is. (“Doet u mij maar een wadpier speciaal en een mosseltje met!”)
U bespreekt met de kinderen welke dieren zoal gegeten worden door wadvogels. (Bijvoorbeeld: wormen, schelpdieren, krabben, visjes en garnalen.) Deze dieren willen natuurlijk niet opgegeten worden. Daarom verstoppen ze zich in de modder. Ze zijn er wél, maar je ziet ze niet!
• De meeste wadvogels kunnen alleen maar naar voedsel zoeken als het laagwater is. Omdat het daarna gauw weer hoogwater zal worden, moeten de wadvogels dat voedsel zo snel mogelijk proberen te vinden. Dit gaan de kinderen nadoen in de klas.

Kern

De platte bak (gevuld met zand en water) stelt de wadbodem voor. In de bak zitten knikkers verstopt. Dat zijn schelpdieren. De kinderen gaan uit de bak zo snel mogelijk tien knikkers vissen. Dat gaat als volgt:
– Eén kind krijgt een blinddoek voor. Met één vinger (de snavel) prikt hij/zij in de modder.
– Een ander kind houdt de tijd bij met een stopwatch. (Hoelang duurt het totdat alle knikkers gevonden zijn?)
– Na elke beurt worden de knikkers weer in de modderbak verstopt en begint het knikkerspel opnieuw.

Afronding

• U bespreekt het knikkerspel met de kinderen na. (Wie had de snelste tijd? Hoe was het om als wadvogel voedsel te zoeken in het zand? Enzovoort.)
• De meeste kinderen zullen wel gierkt hebben, dat waddieren het lastig maken voor vogels die jagen met hun ogen (de zichtjagers). Maar er zijn vogels, die hier iets op gevonden hebben! Zij kunnen met hun snavel voelen of er iets eetbaars in de wadbodem zit (de tastjagers). Deze vogels prikken met hun snavel in de bodem. Als ze voelen dat er iets lekkers zit, eten ze dit snel op.
Omdat niet alle dieren in de wadbodem even diep zitten, zijn er vogels met lange snavels en vogels met korte snavels.

Aanvullende activiteiten

Wad ben ik?

• Kleine groepjes kinderen zoeken informatie over dieren, die op het wad leven. (Voorbeelden zijn: krab, garnaal, platvis, wadpier, heremietkreeft, kwal, kokkel, alikruik, zeeduizendpoot, wadvogel, zeehond, zeepok en zeester.) Ze presenteren de gevonden informatie daarna aan elkaar.
• Vervolgens worden er kaartjes gemaakt. Op elk kaartje komt een waddier te staan. Om de beurt trekken de groepjes een dierenkaartje en beelden gezamenlijk het dier uit. De kinderen van de andere groepjes raden steeds om welk dier het gaat.

Waddenbingo: “Wadpier!”

U maakt met de kinderen een bingospel. Op de kaartjes komen in dit geval géén getallen te staan, maar plaatjes, die met het wad te maken hebben. Laat de kinderen zélf de bingokaarten maken. In de vakjes schrijven ze (in woorden) wat er op de plaatjes staat.
In plaats van “Bingo!” roept degene die bingo heeft: “Wadpier!” (Of bedenk samen een ander woord om te roepen.) U zorgt uiteraard voor de bingoballetjes en voor een klein prijsje voor de winnaars. (Bijvoorbeeld: een rode dropveter, als wadpier.)

Tot slot

Een deel van het geheim van de Waddenzee, het bijzondere achter deze grote moddervlakte, is in de twee voorbeeldlessen onthuld. Maar bent u benieuwd naar wat dit prachtige natuurgebied nog méér te bieden heeft voor u en uw klas? Duik dan eens onder, via www.waddenzeeschool.nl!
Veel succes en plezier met alle ontdekkingen!