De bovenbouwgroepen van openbare daltonschool de Starter in Groningen werken met het project Werk aan de wereld. In dit verhalend ontwerp verdiepen de kinderen zich in een ontwikkelingsland en een klein ontwikkelingsproject. Groep 7 heeft vandaag bezoek van twee vrijwilligers van de stichting Help Afrika.

Bart Voorman en zijn bus

BEZOEKERS
De kinderen zitten verwachtingsvol in de kring, als de bezoekers binnenkomen. Die stellen zich voor als Arnold en Lies en vertellen, dat ze vrijwilligerswerk doen voor projecten in Kenia. Ze hebben gehoord, dat de kinderen gewerkt hebben over dit land en ze zijn benieuwd naar hun verhalen.

GEZAMENLIJK REISVERHAAL
Dat laten de kinderen zich geen twee keer zeggen. Om beurten vertellen ze bij het wandfries een deel van hun gezamenlijke reisverhaal. Een paar voorbeelden:

‘Dit is Bart Voorman. Hij is de reisleider van reizen naar Kenia. Hij is 35 jaar en geboren op 14 november 1975. Zijn lievelingskleur is geel. Dit is zijn bus. Hij heeft hem op marktplaats gekocht. Hij heeft hem opgepimpt tot een reisbus, waarmee hij door Kenia reist. De bus is erg luxe van binnen, met een keuken, een badkamer en een woonkamertje. Er is zelfs een teevee. Hierin reist Bart met zijn reizigers en zijn vrienden door Kenia.’

‘Dit is de familie Van Vliet. Met vader Wouter, moeder Monique, zoon Nick en dochter Lisa. Ze hebben het heel erg naar hun zin met Bart. Dit zijn Niels en Marion. Zij zijn ook mee op reis met Bart door Kenia. Ze zijn leraren op de Langejan School. Dit moet je meenemen als je op reis gaat naar Kenia: een toilettas, geld, een paspoort, een camera en kleding.’

Dit is dus wat er gebeurde aan het eind van het verhalend ontwerp. Een mooie afronding, een bevredigend einde. Maar zover is het nog lang niet. Het moet allemaal nog beginnen…

f3373af8-517b-4e41-9fd6-01fd5b7f67ba_werkaandewereld1

Land in beeld

REISGIDS VAN KENIA
Bart vindt het leuk, om zijn reizigers veel informatie te geven over Kenia. Daarom gaat hij voor hen een speciale reisgids van Kenia maken. De kinderen bedenken wat de reizigers zouden willen weten. Razendsnel komen de vragen. ‘ Is er een dictator, een koning of een president in Kenia?’ ‘Wordt er gestemd?’ ‘Zijn er politieke partijen?’
Juf Harja merkt op, dat dit wel heel veel vragen zijn over hetzelfde onderwerp! Waarop Dirk zegt: ‘Dan vatten we dat samen met de vraag: hoe wordt het land geregeerd?’
De kinderen gaan door met het bedenken van vragen. Thema’s als ligging, landschap, klimaat, geschiedenis, vlag, taal, bevolking, dieren en planten, economie, cultuur en bezienswaardigheden passeren de revue. In groepjes zoeken ze informatie over de vragen, presenteren die aan elkaar en verwerken tot slot alle informatie tot een prachtige reisgids. Op deze manier komen alle kinderen veel te weten over Kenia!

INFORMATIEHOEK MET KAARTEN
Een deel van de klas wordt ingericht met informatie over Kenia. Daar hangt ook de kaart van Afrika, die door een van de groepjes is gemaakt. De namen van alle landen staan erin. En Kenia is voor alle duidelijkheid rood gekleurd.
Ernaast hangt een bont ingekleurde kaart van Kenia. Dat ziet er niet alleen vrolijk uit, maar elke kleur staat ook voor een van de vele (verschillende) talen, die in dit land gesproken worden.
KINDERSTERFTE
Ontdekkingen
Een ander groepje heeft informatie gevonden over kindersterfte. Ernstig vertellen de kinderen, dat er in Kenia wel 127,8 kinderen sterven. In Nederland zijn dat er maar 7,4. Dat is een groot verschil. Maar wat zijn dat eigenlijk voor getallen? Het levert een interessant gesprek op over de precieze betekenis van de gevonden cijfers.
Uiteindelijk ontdekken de kinderen – door de vragen van juf Harja en juf Karin – hoe het zit: het getal is het aantal kinderen, dat per jaar per 1000 geboren baby’s vóór hun vijfde verjaardag sterft.
Grafiek
Met wat puzzelen maakt het groepje van de cijfers een prachtige grafiek, waarin goed te zien is hoe het de laatste jaren gesteld is met de babysterfte in Kenia en in Nederland. ‘Kunnen we nu ook uitrekenen hoeveel kinderen er in 2008 in heel Kenia en in heel Nederland vóór hun vijfde verjaardag zijn gestorven?’ Met enig overleg lukt ook dat!

2dd3be6b-d72c-4185-8b79-a82ddebeceb7_werkaandewereld2

Betrokkenheid van de ouders

Tijdens het hele project is de betrokkenheid van de ouders voelbaar. Regelmatig komt er even een vader of een moeder in de klas, om de voortgang te bekijken. ‘Hé,’ zegt een vader tegen zijn zoon, ‘Turkana Camp, daar ben ik ook geweest!’ Waarop de zoon hem stomverbaasd aankijkt en vraagt: ‘Ben jij dan in Kenia geweest?’ Dit voorval levert thuis vast stof tot praten op!

Op reis

ARMOEDE EN ONDERWIJS
Na de nodige voorbereiding is Bart met zijn groep aangekomen op de plaats van bestemming: Kenia. De reizigers zijn verrast. Ze hadden gedacht dat Kenia alleen maar erg arm is, maar ze zien ook tekenen van rijkdom: dure huizen, grote flats en goed onderhouden bezienswaardigheden.
Onderweg ontmoeten ze mensen van de Turkana-stam. Dat zijn vluchtelingen, die wél heel arm zijn. Hun kinderen gaan nauwelijks naar school, omdat er geen goed schoolgebouw is in het gebied waar ze wonen. Het tweede thema van dit project is dan ook: Armoede en onderwijs.

ANDERE LANDEN, ANDERE THEMA’S
Wat de kinderen niet weten, is dat Bart Voorman in andere klassen andere landen bezoekt, andere mensen ontmoet en met andere thema’s in aanraking komt. Zo zijn er groepen op school bezig met Afghanistan (thema: Vrouwenrechten), Benin (thema: Gezondheid), Tibet (thema: Onderwijs), Bolivia (thema: Kinderarbeid), enzovoort.
Vanzelfsprekend komen er steeds vrijwilligers op bezoek, die projecten ondersteunen in het land, waar Bart doorheen reist en rond het thema, waarmee de reizigers in het verhaal geconfronteerd worden.

MOGELIJKE OORZAKEN
De ontmoeting met de Turkana’s zet de reizigers aan het denken. Waarom is er eigenlijk zo veel armoede in delen van Kenia? De kinderen verdiepen zich in mogelijke oorzaken van armoede en ontdekken, dat hét antwoord op deze vraag niet bestaat.

Weer thuis

SCHULDGEVOEL OF BETROKKENHEID
Bij thuiskomst moeten de reizigers wel even omschakelen, want ze zijn in gedachten nog vaak in het bezochte land. De mensen en het land hebben veel indruk op hen gemaakt.
Hoe zou jij je voelen na zo’n bijzondere reis? Veel kinderen schrijven op, dat ze zich na zo’n reis schuldig zouden voelen over alle spullen en rijkdom die ze zelf hebben. Juf Harja en juf Karin bespreken dit uitgebreid met hun groep: moet je je schuldig voelen over iets, dat je zelf niet veroorzaakt hebt? Het levert een mooi gesprek op over rechtvaardigheid en het verschil tussen schuldgevoel en betrokkenheid.

EEN NIEUW SCHOOLGEBOUW
Het verbaast de kinderen niets, dat de reizigers willen proberen om een project te starten in Kenia: een nieuw schoolgebouw voor de Turkana-kinderen. Ze kunnen daarbij wel wat hulp gebruiken. Daarom werken de kinderen – in groepjes – plattegronden uit voor de nieuw te bouwen school. Ze denken daarbij goed na: wat zouden de Turkana-kinderen in elk geval moeten leren? En: wat voor gebouw is in Kenia haalbaar?

In gesprek met experts

VOORBEREIDING
Juf Harja vertelt, dat ze twee mensen kent van een organisatie, die projecten uitvoert in Kenia. Het lijkt haar interessant om die mensen eens uit te nodigen. Dat zijn de kinderen met haar eens. Ze bekijken de website van de stichting Help Afrika en bedenken wat ze zouden willen vertellen en vragen.

VRAGENVUUR
En nu is het zover. Lies en Arnold, beiden vrijwilliger van stichting Help Afrika, zijn naar school gekomen. Als de kinderen verteld hebben wie Bart Voorman is en wat zijn reisgezelschap allemaal heeft meegemaakt, kunnen er vragen worden gesteld. De vingers gaan omhoog en de kinderen branden los. Ze stellen vragen over Kenia en over de motieven en idealen om vrijwilligerswerk te doen. ‘Waarom doet u dit werk eigenlijk?’ ‘Hoe bent u bij een project in Kenia terechtgekomen?’ ‘Gaat u er vaak heen?’ ‘Hoe vindt u het dan, om weer in Nederland te zijn?’ ‘Betaalt u de reis zelf?’ ‘Hoe houdt u het vol?’ Enzovoort. Aandachtig luisteren de kinderen naar de antwoorden van Lies en Arnold.

BOUWTEKENINGEN
Maar haast nog aandachtiger bestuderen de kinderen de bouwtekeningen voor het nieuwe schoolgebouw, die Lies en Arnold hebben meegenomen. Ze vergelijken die grondig met hun eigen schetsen. Het uur, dat gepland is voor het bezoek, vliegt om.
Aan het eind laten de vrijwilligers nog wat spullen zien, die ze meegenomen hebben uit Kenia. Bijna eerbiedig geven de kinderen die aan elkaar door, om ze grondig te bekijken. Sommigen ruiken er zelfs even aan. En zachtjes wordt er gefluisterd: ‘Echt uit Kenia.’

Een bevredigend einde

EINDPRESENTATIE
Achteraf zijn de kinderen onder de indruk van de inzet en de betrokkenheid van de vrijwilligers. ‘Goed hoor, dat ze dit doen,’ zegt een van hen de volgende morgen.
’s Middags is de eindpresentatie, waarvoor de ouders zijn uitgenodigd. Ze zijn er bijna allemaal. En wie verhinderd is, heeft een vervanger gestuurd: opa, oma of de oppas.
De kinderen vertellen trots en enthousiast over hun werk. En hun ouders tonen veel interesse, ook na afloop. ‘Mijn vader vindt het een mooi project en een belangrijk onderwerp,’ vertelt een jongetje, ‘maar hij is er wel van geschrokken, dat we al die tijd niet gerekend hebben.’ Waarop juf Harja hem vraagt om aan zijn vader uit te leggen, dat hij juist véél gerekend heeft! Over oppervlakten, bevolkingsgrootte en kindersterfte en dat hij nu een grafiek kan maken!

dc8172f7-ff09-4e46-9ed9-121a330e3a68_werkaandewereld3

LEEREFFECTEN
Rekenen is niet het enige, dat de kinderen geleerd hebben. Ze weten nu veel over Kenia en ook over de verschillen met Nederland. Bovendien zijn ze zich erg bewust van hun eigen rijkdom geworden. Ze hebben nagedacht over schuldgevoel en betrokkenheid. Ze hebben inspirerende mensen ontmoet, die zich vrijwillig inzetten voor Kenia. Verder hebben de kinderen samengewerkt, onderhandeld, naar informatie gespeurd en die informatie vaak ook nog gepresenteerd.

ENERGIE
Juf Karin vertelt, dat ze op de Starter de ervaring hebben, dat kinderen de dingen, die ze in een verhalend ontwerp leren, lang en goed onthouden. Juf Harja heeft met plezier gezien hoe kinderen, die normaal in de pas lopen en netjes hun werk doen, nu «zelfstarters» moesten zien te worden. En hoe kinderen, die ze anders altijd moet aansporen, nu de «motor» van de groep waren. En bijna in koor zeggen de juffen: ‘Het geeft ons een boel energie, zo’n verhalend ontwerp!’

Meer informatie
Werk aan de wereld is een uitgewerkt verhalend ontwerp voor de bovenbouw, inclusief docentenhandleiding, lesmaterialen en klassenbezoek van een kleine ontwikkelingsorganisatie. Diverse landen en thema’s zijn mogelijk.
Wilt u meer informatie? Kijk dan op: www.ellenreehorst.nl