Amal staart wat voor zich uit. Zo te zien heeft hij nog niet veel uitgespookt in de twintig minuten dat de klas zit te rekenen. Al twee keer is de leerkracht bij hem langs geweest. De aansporingen hebben niet veel effect gehad. Er staan nog maar twee sommen op papier. En dat is vandaag niet de eerste keer…

Lees ook de uitbreiding

Bij dit artikel hoort een online uitbreiding. Klik hier om het artikel te lezen.

Weerzin

Oorzaken

Sommige kinderen hebben geen zin meer. Hun motivatie om te leren is verdwenen. Dat kan verschillende oorzaken hebben. In veel gevallen zijn dat leerproblemen. Doordat de leerling te weinig succeservaringen opdoet, verdwijnt de motivatie om te leren. Niet zelden krijgt het kind veel extra hulp. Ondanks de goede bedoelingen van de leerkracht leidt dat nog wel eens tot overbelasting van de leerling, wat passiviteit tot gevolg kan hebben.
Ook faalangst kan ertoe leiden, dat het kind niet meer aan het werk te krijgen is. En soms is het werk zó weinig uitdagend, dat de (hoogbegaafde) leerling daardoor afhaakt. Emotionele problemen als verdriet en rouw kunnen er eveneens voor zorgen, dat de leerling niet meer gemotiveerd is om aan het werk te gaan. In de gezinssituatie kunnen zich problemen voordoen. Maar ook de houding van de ouders ten opzichte van school en leren kan er de oorzaak van zijn, dat een kind zich – ondanks de aansporingen van de leerkracht – niet tot werken laat brengen.

Signaleren

Het is allereerst van belang om er achter te komen, wat de oorzaak is van de passieve houding van het kind. Zelf kunt u al een aantal zaken signaleren:
– Gaat het om één bepaald vak of is het een algemene houding?
– Hoe zijn de resultaten van de leerling?
– Was is er over de gezinssituatie bekend?
Zet de informatie over deze punten, samen met uw eigen aanvullingen (in steekwoorden), op papier. Knoop daarna een gesprekje aan met de leerling.
Nota bene. Suggesties voor zo’n gesprek staan in de internetuitbreiding bij dit artikel.

Maatregelen

Als u de vermoedelijke, meest waarschijnlijke oorzaak voor de passieve werkhouding van de leerling hebt vastgesteld, kunt u maatregelen nemen om de situatie te verbeteren:
– In dit artikel staan voornamelijk algemene suggesties, die vooral goed toepasbaar zijn op de meest voorkomende oorzaak, als een kind geen zin meer heeft in leren, namelijk: het te weinig ervaren van succes, veroorzaakt door leerproblemen.
– Suggesties voor het omgaan met kinderen, die door andere oorzaken niet meer willen werken, staan op de website van Praxisbulletin.

Weer zin!

Als we kijken naar de oorzaak, als een kind geen zin meer heeft in leren, dan zien we meteen de oplossing. Ergens moeite voor doen is leuk, zolang we er maar waardering voor krijgen! Maar als leren moeilijk is en de resultaten onvoldoende zijn, dan wordt de motivatie om te werken natuurlijk steeds minder. Om weerzin om te buigen naar “weer zin” moeten we het kind dus succeservaringen op laten doen.
Dat is vaak makkelijker gezegd dan gedaan, want de weerzin komt het meest voor bij zwakke leerlingen. Succeservaringen zijn moeilijk te vinden en complimenten moeilijk te geven. Toch zijn er wel wat mogelijkheden om hiermee aan de slag te gaan. Die mogelijkheden worden in het vervolg van dit artikel beschreven.
Kies een paar mogelijkheden uit, die u aanspreken en die u in uw situatie makkelijk kunt toepassen. Leg het kind uw bedoeling uit en spreek af, dat u na twee weken op de voorgestelde werkwijze/de suggestie terugkomt, om te informeren hoe die bevalt.

Suggesties in relatie tot de leertaak

Voldoende tijd

De volgende suggesties kunt u inzetten bij (onder andere) huiswerk, dictees leren, rekenwerk of taalwerk maken, topografie leren en stillezen.

• Haalbare doelen
Vraag aan het kind hoeveel werk het in een bepaalde tijd kan leren of maken. Pas op voor al te optimistische inschattingen! Overleg dan tactisch of dit wel een haalbaar doel is en stel het naar beneden bij. Het is de bedoeling dat de leerling de zelf aangegeven hoeveelheid werk makkelijk binnen de afgesproken tijd kan leren of maken en hiervoor gecomplimenteerd kan worden! De succeservaring geeft moed. En de volgende keer kan de hoeveelheid werk een klein beetje opgetrokken worden. Succes moet wél gegarandeerd blijven! Geef een inhoudelijk compliment. (Bijvoorbeeld: “Ik vind het knap dat je ook écht kon leren wat je zelf hebt aangegeven!”)

• Zichtbare resultaten
Als u de resultaten op papier vastlegt – bijvoorbeeld op een boekenlegger in het betreffende boek – is het extra goed zichtbaar, dat het kind het doel heeft gehaald. Bovendien motiveert het om de volgende keer bijvoorbeeld drie woorden of sommen meer te maken. Een sticker bij elke geslaagde poging hoort er natuurlijk bij. En aan het eind van de week kan het prachtige resultaat als compliment mee naar huis gegeven worden!

• Belonen
Geef het kind een beloning, als het de tijd goed gebruikt. Bijvoorbeeld door het kind aan zijn/haar hobby te laten werken of naar zijn/haar favoriete muziek te laten luisteren. Zo ervaart het kind dat doorwerken zin heeft én beloond wordt.

Structureren van het werk

• Stappenplan of fotoreeks
Geef het kind een geheugensteuntje op papier: hoe leer je …? (Of: hoe maak je …?) Dat kan door middel van een uitgewerkt voorbeeld óf door het eerst voor te doen. Soms kan er – met behulp van pictogrammen – een stappenplan gemaakt worden, waardoor de volgorde duidelijk wordt. Bij ingewikkeldere zaken (zoals knutselen) helpt een fotoreeks, om tot het eindresultaat te komen.

• Andere mogelijkheden
– Laat voor elk rijtje dat klaar is een sticker opplakken.
– Elke keer als een rijtje klaar is, mag de leerling een fiche neerleggen.
– Geef een kopie van de bladzijde en laat die invullen.
– Geef een bewerkte kopie van de bladzijde, waarop bijzaken zijn weggelaten.

Maak het werk anders

Afwisseling kan de weerzin doorbreken. Denk in dit verband aan de volgende zaken:
– Het gebruik van een rekenmachine.
– Werken op de computer.
– Het kind schrijft met een gekleurde pen.
– Het kind maakt een mooie rand om een goed uitgevoerde opdracht.
– U maakt een foto van een gelukte opdracht.
– Het kind mag zélf kiezen welk rijtje gemaakt wordt (of welke opdrachten gemaakt worden).
– Laat het kind een spel maken, waarmee het betreffende lesdeel geoefend kan worden.
– Geef het kind een kopie van een leuke advertentie, een krantenpagina met plaatselijk nieuws, een bladzijde uit de tv-gids of speelgoedfolders en laat daar opdrachten mee maken.

Beurt voorbereiden

Geef ongemotiveerde leerlingen niet onverwachts een beurt. Voorkom dat ze voor de hele klas “afgaan”! Vertel de leerling zo mogelijk van tevoren wat u gaat vragen en wanneer u dat gaat doen. Overleg daarover met het kind. Zorg ervoor dat het een succeservaring wordt en geef complimenten ten overstaan van de hele klas!
Ook kunt u er natuurlijk voor zorgen, dat u de leerling vragen stelt, waarvan u weet dat die goed beantwoord zullen worden. Pas daarbij wel op dat het geen flauwe of kinderachtige vragen zijn, waardoor de leerling gezichtsverlies lijdt. Het gaat erom dat het kind kan scoren met een goed antwoord!

Zelf nakijken en zelf evalueren

Bij gedemotiveerde leerlingen is het heel confronterend als anderen het gemaakte werk nakijken. Ze worden dan alwéér geconfronteerd met het “niet kunnen”. En dat wordt onderstreept door het laten nakijken door een klasgenoot. (Bijvoorbeeld: bij het nakijken van een repetitie door een klasgenoot kan die klasgenoot dan precies zien wat het kind allemaal niet kan.)
Er zijn mogelijkheden om het kind zélf werk te laten nakijken en om dat werk zélf te evalueren:
– Geef de kinderen de mogelijkheid om na één rijtje al met een antwoordenboek of -blad te kijken of ze op het goede spoor zitten.
– Spreek af hoeveel fouten er in het werk mogen zitten en wanneer hulp nodig is.
– Laat met een gezichtje (smiley) aangeven of de leerling het werk leuk, niet leuk of neutraal vond.
– Met een smiley kunt u ook laten aangeven of de leerling het werk makkelijk, moeilijk of neutraal vond.
– En ook: de leerling heeft heel erg, niet of neutraal zijn/haar best gedaan op het werk.
– En ook: de leerling heeft het werk mooi, slordig of neutraal uitgevoerd.
– En ook: de leerling heeft de opdracht goed of fout uitgevoerd.
Het mooie van de smiley’s is dat u niet alleen het werk kunt beoordelen, maar dat u de leerling zeker ook kunt complimenteren over de eigen reflectie. (Bijvoorbeeld: “Ik vind het heel eerlijk van je dat je aangeeft dat je niet zo erg je best hebt gedaan op dit lesje. Ik heb ook wel eens geen zin. Als je de volgende keer meer zin hebt en daardoor meer je best doet, dan weet ik zeker dat het er weer goed uitziet.”)

Betrek alle leerlingen actief bij de lessen

Het werkt motiverend voor leerlingen om actief bij de les betrokken te zijn. Ik geef u een paar suggesties:
– Geef elke leerling twee kaartjes: één kaartje met “ja” erop en één kaartje met “nee” erop. Stel vragen over de vorige les en vraag de kinderen hierop met ja of nee te antwoorden, door het bijpassende kaartje omhoog te houden. Let daarbij vooral op de leerlingen, die bekend zijn om hun weerzin. Complimenteer die leerlingen, zodra u een goed antwoord van ze ziet. Ook een mooi compliment is bijvoorbeeld: “Amal, ik zag dat jij steeds je kaartje omhooghield, zonder eerst bij anderen te kijken welk kaartje zij omhooghielden. Het waren écht je eigen antwoorden. Goed, hoor!”
– Kaartjes, met daarop de nummers 1, 2 en 3, zijn handig bij meerkeuzevragen. (“Welk antwoord denk jij dat goed is: 1, 2 of 3?” “Welke oplossing zou jij voor dit probleem gekozen hebben?”)
– Tijdens het voorlezen of tijdens begrijpend lezen kunt u ook smiley’s gebruiken. (“Hoe denk je dat Jan zich nu voelt?” “Wat vind je van dit idee (of van deze oplossing)?” “Wat vind je van het voornemen van deze persoon?”)
Deze werkwijze betrekt alle leerlingen bij de activiteit, maar is niet bedreigend. Bovendien kunt u ook positieve feedback geven op de manier waarop wordt meegedaan.

Aandacht voor het individuele kind

Aandacht is het meest belangrijk voor elk kind. Zó belangrijk, dat kinderen zelfs blij zijn met negatieve aandacht! Voor kinderen met leerproblemen is het heel belangrijk om dingen te vinden waar ze goed in zijn, buiten het leren om. Dat kunnen zijn: karaktereigenschappen, sportactiviteiten of hobby’s.
Een aantal mogelijkheden om aandacht aan het individuele kind te schenken, zijn:

• Leerling van de week (of van de dag)
Stel één leerling centraal, door zijn/haar naam op een vel papier te zetten. Of nóg mooier: hang een foto van de leerling op. Ieder kind van de groep schrijft vervolgens een compliment op. Die complimenten worden rondom de naam van de betreffende leerling geplakt. Dit gebeurt na censuur door u, want alleen positieve opmerkingen zijn toegestaan! Vanzelfsprekend krijgt de leerling ook een mooi compliment van u! En aan het eind van de week gaat het complimentenblad mee naar huis.

• Fotomapje
Een uitgebreidere vorm van het voorafgaande is de volgende: aan het eind van de week komen de foto en de complimenten in een fotomapje. Een aantal klasgenoten krijgt de opdracht om een leuk verhaaltje te schrijven over iets positiefs van de leerling. Die verhaaltjes worden toegevoegd aan het mapje. En ook u levert weer een bijdrage!

• Individuele gesprekjes
Stel een tijd beschikbaar voor individuele gesprekjes in een rustig hoekje. Laat kinderen, eventueel met uw hulp, hiervoor intekenen op een lijst. De klas doet tijdens de gesprekjes iets “rustigs” voor zichzelf. U kunt praten over het leren, in een soort mentorgesprekje. Maar in het kader van dit artikel kunt u ook denken aan een gezellig gesprekje over huisdieren, hobby’s of sportactiviteiten. Op een kleurig vel papier kunt u daarna een positieve opmerking maken over dit gesprekje en het blad tot slot mee naar huis geven.

• Nieuwsblad op het prikbord
Motiveer de kinderen om op een aangewezen plek op het prikbord nieuws van thuis te bevestigen. (“We hebben een nieuwe auto.”) Of sportnieuws. (“Ik heb zaterdag gewonnen met zwemmen.”) Of hobbynieuws. (“Ik heb een nieuwe cd gekregen voor mijn verzameling.”) Schenk er aandacht aan en gebruik de informatie vooral ook positief naar het kind, dat “weerzingedrag” vertoont!

• Complimentenbrief of -kaart
Geef een brief (of een kaart), met daarop een compliment, mee aan de ouders. Benadruk in het compliment het proces en niet het resultaat. Denk bijvoorbeeld aan: het kind heeft een goede inbreng gehad in het kringgesprek, het heeft leuk verteld over zijn/haar hobby, het is zorgzaam geweest voor een medeleerling (of medeleerlingen), het is een maatje geweest voor een klasgenoot, het heeft een origineel idee aangedragen voor een spel of een tekening, het heeft de boekenkast opgeruimd, enzovoort.

• Positieve foto
“Betrap” het kind met uw fototoestel tijdens een lastige activiteit. Bijvoorbeeld: bij het buitenspel met een vriendje, als het kind vaak ruzie maakt. Of: verdiept in een boek, als het kind lezen niet leuk vindt.

Zoek naar compensaties

Kinderen met leerproblemen hebben zeker kwaliteiten. Probeer die te benutten en te benadrukken! Ik noem enkele voorbeelden:
– Misschien kunnen deze kinderen – met wat hulp – een klassenfeest, een talentenjacht of een waterfeest organiseren.
– Wie weet zijn ze creatief in het bedenken van een teken- of een handvaardigheidsopdracht.
– Misschien kunnen ze als scheidsrechter een spel begeleiden.
– Of geef de kinderen de verantwoordelijkheid over een gewilde taak binnen de school.

Tot slot

Suggesties genoeg… Maar helaas: wondermiddelen bestaan niet. Uw eigen inventiviteit als leerkracht en uw betrokkenheid bij het betreffende kind zijn de enige sleutels om het probleem op te lossen! Bedenk daarbij wel dat weerzin niet op te lossen is met extra controle of straf. Zulke middelen helpen tijdelijk. En meestal zelfs helemaal niet. Of ze werken averechts, waardoor het kind uit wraak gedragsproblemen gaat vertonen. Beloningen werken ook maar tijdelijk. Bovendien is er een steeds grotere beloning nodig om het kind over te halen aan het werk te gaan. De kunst is om zo veel mogelijk aan te sluiten bij het kind. Wat helpt hem/haar om het werk wél te kunnen leren of maken?
Succeservaringen smaken naar meer! Van aandacht krijgt een kind nooit genoeg. En hopelijk krijgt u zelf – na het lezen van dit artikel – de energie om aan de slag te gaan om de weerzin om te buigen naar weer zin!

Veel succes!