Negendelige serie over bomen. Uitbreiding bij nummer 8, over de beuk. Met een doeblad.

Bestanden

Klik op de naam van het bestand om het te openen.

Artikel

Serie: Bomen

Lees ook de andere artikelen uit deze serie:

Antwoorden bij het doeblad

1. Antwoord afhankelijk van de situatie ter plaatse.
2. Hier zijn meerdere antwoorden mogelijk. Bij een jonge beuk staan vrijwel alle takken schuin omhoog. Bij een oude beuk staan de onderste takken bijna horizontaal aan de stam. Meer naar boven in de boom neigen ze naar schuin omhoog.
3. De schors van deze beuk is grijs (soms grijsgroen).
De schors is bijna overal glad. (Op oudere leeftijd willen er nog wel eens scheurtjes in de bast komen. Ook op plaatsen waar takken zijn afgebroken of afgezaagd is de schors minder glad.)
Nee, want in de overwegend gladde schors zijn weinig schuilmogelijkheden.
4. Als u in de eerste helft van mei met de kinderen naar buiten gaat, is de kans vrij groot dat er nog knoppen te zien zijn.
Niet alle knoppen zien er hetzelfde uit, het goede antwoord is dus nee. Aan een beuk zitten blad- en bloemknoppen. De bladknoppen zijn dun en spits. De bloemknoppen zijn dikker en wat langer.
De knoppen hebben schubben.
5. De blaadjes zitten met een steeltje aan de tak.
De rand van het blad is gegolfd.
Er zitten geen inkepingen in.
Die donshaartjes beschermen de blaadjes tegen nachtvorst.
6. Bij een beukenblad is duidelijk een hoofdnerf te zien. Links en rechts daarvan zitten zijnerven, waardoor een regelmatig patroon ontstaat.
7. Er zijn bloemetjes die hangen (dit zijn de mannelijke bloempjes) en bloemetjes die rechtop staan (dit zijn de vrouwelijke bloempjes).

Extra suggesties

– Het is leuk als de kinderen van de bomen uit deze serie een eigen bomenboek maken. Daarin kunnen, naast de doebladen, bijvoorbeeld schorsafdrukken*, gedroogde bladeren, zaden, zelf verzamelde foto’s uit tijdschriften en bijzondere berichten over de betreffende boom worden opgenomen.
– Probeer een beukenboompje uit een beukennootje op te kweken. Bewaar daarvoor een paar nootjes tot het voorjaar buiten of in de koelkast. Hoewel beukennootjes over het algemeen gemakkelijk kiemen, is het toch aan te bevelen elk nootje apart, twee centimeter diep, in een pot aarde te planten. Zet de potten binnen en geef ze af en toe water, zodat de aarde licht vochtig blijft. Plant de boompjes, als ze eenmaal aan de groei zijn, buiten uit. Doe dat op plekken waar ze zonder problemen, op eigen kracht, verder kunnen groeien.

Boek
In het boek “Waarom de koolmees een stropdas draagt” van Els Baars ( KNNV Uitgeverij, Zeist) is een sprookje opgenomen waarin de beuk een hoofdrol speelt. Mooi om voor te lezen vanaf groep 6.

Website
– Via bomengids.nl/beuk vindt u een overdaad aan foto’s van alle onderdelen van de beuk.
– Na het intikken van ‘natuurboekje beukennootjes’ op Google, kunt u een boekje downloaden van acht pagina’s, geschreven door Ditte Merle. Het boekje bevat een informatieve tekst met enkele opdrachten. De natuurboekjes, in een rijke variatie aan onderwerpen, verschijnen vier keer per jaar bij het tijdschrift van het Limburgs Landschap.

Tip: Hoe maak je een schorsafdruk?

Gebruik hiervoor vellen tekenpapier op A4-formaat. Prik zo’n vel met punaises vast op de schors van de boom. Wrijf nu met de zijkant van waskrijt (kleur naar keuze) van boven naar beneden over het papier tot een duidelijke afdruk ontstaat.