Dit artikel gaat over sfeerlichtjes. Maar niet over sfeerlichtjes, die in folders worden aangeprezen. Nee, het gaat over de sfeer in de klas. Soms is het nodig om die wat extra aandacht te geven. Door wat sfeerverhogende activiteiten kunt u de samenhang binnen de groep vergroten. Of kinderen die problemen geven, kunt u (weer) meer bij het groepsgebeuren betrekken.
Dit artikel geeft hiervoor een aantal ideeën en suggesties. Maar bedenk wel dat u zélf sfeerbepalend bent! Wie een sfeerlichtje wil aanschaffen, die let erop of het qua stijl en kleur in het interieur zal passen. Verder moet de prijs binnen het budget vallen. En de koper moet er als bewoner natuurlijk zelf ook enthousiast over zijn.
Dit alles geldt ook voor de sfeerlichtjes in dit artikel. Kies één idee, één suggestie om mee te beginnen. Dus breng er niet te veel tegelijk in praktijk. Neem iets waar u zelf enthousiast over bent. En vraag u van tevoren af of het in uw situatie haalbaar is.

Lees ook de uitbreiding

Bij dit artikel hoort een online uitbreiding. Klik hier om het artikel te lezen.

Vooraf

In de reclame vinden we ze in alle soorten en maten: sfeerlichtjes. Niet dat door de aanschaf van zo’n lichtje de sfeer in huis nu onmiddellijk geweldig wordt. Maar in een plezierige sfeer doen ze wel leuk mee om de kamer een gezellige uitstraling te geven. En in donkere dagen lijken ze net iets meer licht te geven dan gebruikelijk.
Als je een sfeerlichtje neerzet, kijk je hoe het staat. Soms probeer je een ander plekje. Of je kijkt hoeveel licht het kaarsje geeft, als het donker is. Misschien moet je er zelfs eerst even aan wennen.
Zo is het ook voor de sfeerlichtjes in dit artikel. Probeer ze twee weken uit, zodat ook uw klas eraan kan wennen. En wanneer de stimulans er af is, kunt u iets toevoegen, een detail veranderen of iets nieuws uitproberen. Probeer daarbij ook kritisch naar uw eigen rol te kijken. En praat erover met uw klas, met de ouders en met collega’s!

Negen sfeerverhogende activiteiten

1 Zicht op gewenst gedrag

Bedenk een symbool voor het gewenste gedrag. Het kan zijn dat u extra aandacht wilt besteden aan het correct inleveren van schriften, aan meer rust tijdens leswisselingen, aan stil werken of netheid.
Leg aan de kinderen uit wat het symbool betekent en welk gedrag u wilt zien en wanneer. Vertel wanneer u precies op gaat letten of het gewenste gedrag goed uitgevoerd wordt. Goed gedrag noteert u onder het symbool. Zo kunt u bijvoorbeeld een grafiek maken voor een hele week en elke dag aangeven hoe vaak het gewenste gedrag vertoond is. Daag de kinderen uit om zichzelf te verbeteren!
Het is belangrijk dat kinderen hierbij succeservaringen opdoen. Kies daarom voor haalbaar gedrag in een haalbare tijd!

2 Uitstralen van positieve gebeurtenissen in de klas

Benadruk vooral wat er goed gaat in de klas! Zeker in een klas, waar de sfeer niet altijd optimaal is, kunt u proberen om de positieve aspecten uit te vergroten. Dat kan door een briefje aan de ouders te schrijven, waarin u uitlegt waar u zo trots op bent. Gebruik daarvoor proces- en sfeeraspecten. En géén prestaties! Denk bijvoorbeeld aan “gewone” schoolzaken, zoals een gezellig kringgesprek, waarin kinderen naar elkaar luisteren en leuk op elkaar reageren. Of vertel hoe de klas plezierig tot een gezamenlijk besluit kwam.
Nóg meer effect heeft dit briefje, als u de ouders vooraf vraagt om mee te werken. Leg ze tijdens een informatie- of klassenavond uit, dat u de sfeer in de groep wilt verhogen en dat u daarvoor onder andere de ouders schriftelijk verslag uitbrengt van een positief klassengebeuren. Vraag de ouders om hun kind na het lezen van dit briefje te complimenteren met het resultaat en het zo mogelijk te belonen, door het kind daarvoor doelbewust wat extra aandacht te geven. (Bijvoorbeeld door samen een spelletje te doen of iets langer voor te lezen.)

3 Bespreek wat goed is gegaan

Het nabespreken van een proces is in veel groepen al een goede gewoonte. Leg bij groepen waar de sfeer niet optimaal is vooral de nadruk op wat goed is gegaan. Sta daar wat langer bij stil en vraag vooral naar wat ervoor gezorgd heeft dat de les of activiteit zo goed is verlopen. Doe dat ook bij een gezellig moment. (“Ik vond het zo gezellig om met jullie… Hoe zou dat komen?”)
Natuurlijk kan er soms iets misgaan. En ook dan is er een nabespreking nodig. Doe dat zo kort mogelijk. Maak een korte, heldere afspraak en straal daarbij uit, dat u erop vertrouwt dat dit een uitzondering was, omdat u weet dat het in deze groep heel anders kan!

4 Verwerking kiezen

Bied na een instructie drie verschillende verwerkingen aan (gebaseerd op het principe van meervoudige intelligentie), waaruit de kinderen mogen kiezen.
Vraag ook eens hoe de kinderen een bepaalde les het liefst zouden verwerken. Vaak krijgt u dan verrassende ideeën. En daardoor supergemotiveerde kinderen!

5 Spel ter verwerking

Maak voor elk kind een kartonnen cirkel, die u verdeelt in twee, vier, zes of acht delen. Schrijf in elk deel een antwoord.
Zo kunt u bijvoorbeeld voor een spellingles over de eind-d/t de cirkel in tweeën verdelen en op de ene helft een “d” en op de andere helft een “t” schrijven. Dicteer een aantal woorden (hond, straat, heet, meid, enzovoort) en laat de kinderen een wasknijper op de juiste helft van de cirkel zetten.
Hiermee kunt u veel variëren. Vooral voor rubriceeroefeningen is dit spel goed bruikbaar.
Maar zo’n spelvorm kan ook uitstekend worden gebruikt ter beloning van de groep, na een sfeervolle instructie of les!

6 Complimenten voor de klas

Maak een aantrekkelijk ogend stuk karton, met daarop de naam van de groep en zo mogelijk een groepsfoto. Verzamel daarna alle positieve uitspraken van mensen over uw groep en plak die op het stuk karton. Bijvoorbeeld: een vakleerkracht vond dat uw groep zo enthousiast meedeed. Of de invalster vertelde dat de kinderen precies wisten waar alles te vinden was. En de directeur zag de kinderen heel rustig de school binnenlopen. Allemaal positieve dingen, die een plaatsje kunnen krijgen op het complimentenkarton.

7 Maak goede sfeer zichtbaar

Maak foto’s van gezellige gebeurtenissen of leuke situaties. Hang die foto’s op in de hal, zodat iedereen ze ziet. Schrijf er duidelijk bij in welke groep het zo plezierig is.
En nóg leuker: geef deze opdracht aan de kinderen en laat ze zélf beslissen van welke gebeurtenissen en situaties foto’s gemaakt moeten worden.

8 Zoek naar positieve alternatieven

Ruim tijd in om de kinderen hun andere kant te laten zien. Dat mag van alles zijn. Het ene kind kan bijvoorbeeld zijn/haar sportattributen laten zien, terwijl het andere kind over zijn/haar huisdier vertelt. (Misschien kan een ouder het dier even brengen?) De mogelijkheden zijn natuurlijk legio. Ik noem: een dansje met een groepje, een toneelstukje of een stukje spelen op een instrument.
Sommige kinderen “weten echt niks”! Geef zo’n kind een vrolijk gekleurd tasje mee (liefst met de naam erop) en vraag het kind om daar spulletjes van thuis in te doen. U kunt een aantal suggesties op een briefje schrijven en in de tas stoppen, zodat de ouders, een broer of een zus de mogelijkheid hebben om het kind te helpen. Bijvoorbeeld: een foto, een knuffel, een lievelingstrui, een lievelingsboek, lievelingsspeelgoed, een sport- of hobbyattribuut van een gezinslid. Als u het gezin kent, kunt u het kind ook voorstellen om een familielid mee te nemen, dat iets komt vertellen. Dat kan gaan over een beroep, een hobby, een sport of een vakantie(land).
Geef de kinderen vooraf diverse mogelijkheden en laat de meest enthousiaste leerlingen het eerst intekenen. Laat daarbij uw “zorgenkinderen” niet het laatst aan bod komen, want u hoopt immers op een positieve “boost”! Bovendien kunt u er later bij het kind op terugkomen, waardoor uw band met dit kind nog sterker kan worden.

9 Vier de sfeer

Spreek met de kinderen af wanneer u de sfeer gaat “vieren”. Zo kunt u bijvoorbeeld na vijf complimenten de pauze met vijf minuten verlengen of het lievelingsspel van de klas nog eens extra spelen. Of de kinderen mogen zelf voorstellen doen voor de gymles.
Maar na een gezellige dag – waarop u dus effectief met de groep kon werken – is het ook fijn om de laatste minuten vrij te werken. Maak duidelijke afspraken en benoem expliciet waarom u de fijne dag wilt vieren. Geef zo precies mogelijk aan wat de groep precies heeft gedaan om voor een plezierige werksfeer te zorgen.

Tot slot

Een plezierige sfeer in de groep is de belangrijkste voorwaarde om de leerstof goed op te kunnen pakken. En als het soms even wat minder gaat, dan kunnen de sfeerlichtjes van dit artikel u helpen om op een positieve manier met de groep aan de slag te gaan.

Veel werkplezier toegewenst!