Hier treft u de tekst, het notenschrift, de melodie en de karaoke en de lessuggesties aan.

Bestanden

Klik op de naam van het bestand om het te openen.

Muziek

Oud en Nieuw

1 (allen)
Kijk, daar gaat het Oude Jaar,
met een pak voorbije dagen.
Kromgebogen, want ’t is zwaar,
zo’n heel jaar bij elkaar.

2 (solo Oud Jaar)
Ja, het was me ’t jaartje wel.
Dat hoef je mij niet te vragen.
En wat ik jou ook vertel,
het ging me veel te snel!

3 (allen)
Januari, maart en mei,
uren, dagen, maanden gingen.
Zo twaalf maanden op een rij.
Alweer een jaar voorbij!

4 (solo Oud Jaar)
Alles wordt verleden tijd.
Maar die vracht herinneringen
wil je voor geen goud meer kwijt.
Ja, ’t was een mooie tijd.

5 (allen)
’t Oude Jaar is nu zo moe.
Oh, zijn last valt niet te dragen.
Hij kruipt naar de eindstreep toe.
Het lukt, maar vraag niet hoe.

6 (allen)
Maar, kijk aan, wie zien we daar?
Nou, dat zie je zonder vragen.
Want dat is het Nieuwe Jaar.
Wees welkom! Zeg het maar!

7 (solo Nieuw Jaar)
’n Heel nieuw jaar ligt voor je klaar.
Vele mooie, nieuwe dagen.
’t Wordt een zeer bijzonder jaar.
Jazeker! Volg me maar!

parlando (allen)
Ge-luk-kig Nieuw-jaar!

De liedjes beluisteren en downloaden

Hierboven staan de liedjesbestanden. Als u ze aanklikt, opent op uw computer een programma om ze af te spelen. Hebt u dit niet, dan kunt u de liedjes uiteraard wel gewoon opslaan.

Liednotering

200912notenschrift

Lessuggesties

Als u op een van de laatste schooldagen voor de kerstvakantie nog een gezamenlijke kerstviering of een jaarafsluting houdt, kunt u dit lied laten zingen en spelen.

Rollen

Het Oude Jaar en het Nieuwe Jaar zijn personificaties. Het Oude Jaar wordt voorgesteld door een oude, kromgebogen grijsaard met lange baard en wandelstok; hij heeft een bordje met het jaartal op zijn kleding. Hij draagt een zware zak of een koffer vol met herinneringen aan het afgelopen jaar.
Het Nieuwe Jaar ziet eruit als een baby met fopspeen en luier. Ook de baby heeft een jaartal, maar dan van het komende jaar. De beide spelers moeten duidelijk in lengte of grootte verschillen.
Het Oude Jaar zingt de coupletten 2 en 4 als solo, het Nieuwe Jaar couplet 7. De overige coupletten worden door een groepje kinderen gezongen. Misschien kan er een koortje van twaalf kinderen samengesteld worden: de twaalf maanden van het jaar. In kleding en gedrag kunnen ze dan iets uitbeelden wat bij deze maanden past. En natuurlijk dragen ze een duidelijk zichtbaar naamkaartje: januari, februari, maart enz. Eventueel kunnen de dagen van de week en de vier seizoenen ook ingepast worden.

Inhoud

Het Oude Jaar kan (schoolgerelateerde) herinneringen ophalen aan het afgelopen jaar (= twee halve schooljaren): weten jullie nog …? Symbolisch kunnen er kaartjes met herinneringen uit de zak of de koffer gehaald worden. Eventueel worden hierbij enkele scènes nader gespeeld: hoe was dat ook alweer, toen jullie …?
Bij het optreden van het Nieuwe Jaar kunnen wat ‘toekomstdromen’ en ‘vooruitblikken’ uitgebeeld worden.
Na het toneelstukje wordt het liedje gezongen. Het wordt afgesloten met een parlando: ‘Gelukkig Nieuwjaar!’ Hierbij kunnen de maanden van het jaar elkaar de hand schudden. En daarna stappen ze de zaal in en geven ze links en rechts aan medeleerlingen een hand: ‘Gelukkig Nieuwjaar!’

Toneel

Het toneel kan “aangekleed” worden met allerlei klokken, echte of geknutselde. Vooral een grote, staande klok is hierbij prachtig. Mogelijk kunt u op het juiste moment tijdens het spel het geluid laten horen van een hele serie klokken die tegelijkertijd gaan slaan.
Tip: het nummer ‘Time’ van de cd Dark side of the Moon (1973) van Pink Floyd begint met een serie wekkers en klokken. Een aanrader!

Klankspel

Natuurlijk kunt u het klokkenspel als klankspel laten uitvoeren. Laat hiervoor allerlei slag- en ritme-instrumenten gebruiken: klankstaven, triangels, twee tonen van de xylofoon, woodbloks, enz. Elk instrument en elke speler speelt consequent zijn eigen ritme.

– U kunt laten beginnen met één instrument. Daarna wordt er steeds een ander instrument aan toegevoegd. Na het hoogtepunt (12 slagen op een grote bel) worden de instrumenten een voor een weggelaten. Het werkt het best als u de spelers een voor een aanwijst om te beginnen, cq. te stoppen met spelen.
– Een andere manier: alle instrumenten beginnen tegelijkertijd, heel zachtjes. Langzaam wordt het volume opgevoerd (niet het tempo!), tot het hoogtepunt. Daarna neemt langzaam het volume weer af. U regelt dit door uw handen verticaal steeds verder van elkaar af en dichter naar elkaar toe te bewegen.

5 Podium-act

Als podium-act voor bv. een weekbesluit of bij een carnavalsfeest kan het volgende gedaan worden.

De coupletten worden door de grote groep gezongen; per couplet beeldt een kind de bezongen persoon uit, op een gekke manier. Ook steeds met een bepaald “attribuut”:

– los autostuurwiel, verband om het hoofd;
– losse hondenriem en arm in het verband;
– een leerling ledigt een doosje met zgn. spinnen over jufs hoofd: schrikacties, gegil! (spinnen zelf maken van bruin of zwart chenilledraad);
– voetballende meester Bas, dus met voetbal en sportkleren, maar ziet er juist maf uit;
– oma verkleed als carnavalsganger, met toeters en bellen, gek hoedje, masker enz.;
– opa met een krant, waar hij steeds vanaf valt als hij erop wil gaan staan;
– een “dichtgeplakte” nicht Suzan; tijdens het zingen van refrein iedereen alleen “hummen”;
– iemand komt op als spook of griezel;
– kind in badpak, met snorkel, zwemvliezen en een serie zwemdiploma’s;
– jongetje volgeplakt met pleisters, eventueel op fietsje met zijwieltjes;
– iedereen op het podium in carnavalsoptocht: toeters en bellen, serpentines, rolfluitjes enz. (de groep moet wel blijven zingen, maar intussen kent het publiek het liedje nu ook al wel, dus iedereen zingt mee);
– in optocht met alle kinderen door de hele school; iedereen terug naar zijn eigen lokaal; zo mogelijk het geluid van de cd op volle sterkte.

6 Klassengesprek

– Wat is feest?
– Waaraan herken je een feest?
– Wat zijn de “ingrediënten” voor een feest?
– Wat voor feesten zijn er?
– Is er een bepaalde indeling voor feesten?
– Algemene feesten? Feesten voor familie? Feesten voor bepaalde bevolkingsgroepen?
– Straatfeest, buurtfeest, dorpsfeest.
– Feesten bij een bepaald geloof? Welke? Wat wordt er gevierd?
– Hoe zie je dat het feest is? Wat doen de mensen dan?
– Feestkleding, feestmuziek, feestattributen enz.
– Meer filosofisch:
– verschillen tussen feestelijk bij elkaar zijn en in “rouw” bij elkaar zijn (zelfde gezelschap);
– feest in je eentje, kan dat? Is dat wel feest?
– ” Alle dagen feest” (de titel is van Remco Campert, 1954) – zou dat leuk zijn?

7 Informatie over carnaval

Carnaval schijnt al heel lang te bestaan als heidens feest, waarbij door vermommingen de maatschappelijke rollen omgekeerd werden en er veel gegeten en gedronken werd. In de vroege middeleeuwen werd het feest tot een christelijk feest gemaakt om de heidense bevolking te bekeren. Oude gebruiken en feesten werden wel vaker door de kerk overgenomen om de bevolking gunstig te stemmen.
Er zijn twee bekende verklaringen voor het woord carnaval. De term zou afkomstig zijn van het Latijnse carne vale (vaarwel aan het vlees), omdat na het feesten een periode van vasten begint. Een andere verklaring is, dat de naam komt van carrus navalis ofwel scheepswagen, te vergelijken met onze huidige praalwagens.
Tegenwoordig wordt carnaval het meest gerelateerd aan de periode waarin Jezus vastte in de woestijn. De veertig vastendagen voor Pasen gaan in na het einde van carnaval.
Carnaval begint op de donderdag voor Aswoensdag nog rustig. Op vrijdag en zaterdag barst het los. Ook nu nog dragen de carnavalsvierders vermommingen en maskers, om anderen een spiegel voor te houden of de waarheid te zeggen. Op zondag rijden de carnavalsstoeten rond met prachtige wagens, waaraan soms maanden gewerkt is.
Voor carnaval worden speciale liedjes gecomponeerd, die gemakkelijk mee te zingen zijn. Menig BN’er heeft zich eraan gewaagd, met wisselend succes.
Gedurende het carnaval wordt de stad bestuurd door Prins Carnaval en de Raad van Elf. Veel plaatsen krijgen ook een andere naam. Zo verandert Den Bosch in Oeteldonk. Zie voor een lijst met Nederlandse carnavalsplaatsnamen nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_alternatieve_plaatsnamen_tijdens_carnaval

Ook in andere landen wordt flink carnaval gevierd. Befaamd zijn de parade in Rio de Janeiro, de maskers in Venetië, het Mardi Gras in New Orleans. Ook in Duitsland en België wordt carnaval intens gevierd.

8 Activiteiten voor in de groep

Laat de kinderen op internet zoeken naar “carnavalsplaatsnamen” of naar “lijst van alternatieve plaatsnamen tijdens carnaval” (Wikipedia).
Wat valt op aan deze plaatsnamen? Heeft de naam een relatie met de echte naam van de plaats, of met de omgeving, of met de bevolking? Zit er humor of zelfspot in? Veel namen eindigen op -donk, -gat, -dorp, -rijk, -land. Vaak zijn het dialectwoorden.
Carnavalshits. Laat de kinderen enkele bekende carnavalshits beluisteren en bespreken. Wat valt op aan de teksten? Wat valt op aan het tempo?

Literatuur

Marte Jongbloed, Kinderen verleiden tot toneelspel. Van verhaal tot voorstelling (uitg. Nelissen, Soest 2008).