Ze hebben het weer goed bedacht dit jaar, de bedenkers van het motto van de Kinderboekenweek: Aan tafel! Eten en snoepen in kinderboeken. Bij de meeste leerkrachten gaan de “radertjes” meteen werken. En een boek is er ook snel bij gevonden. Maar misschien hebt u niet zo veel tijd om zelf van alles te bedenken? Of heeft uw collega net hetzelfde bedacht? Of is dat ene boek dat u wilde gebruiken verdwenen?
In dit artikel worden gemakkelijk uitvoerbare ideetjes beschreven voor gebruik in de groep tijdens de Kinderboekenweek 2009. Dat scheelt u wellicht weer wat denktijd!

Lokkertjes ter introductie

Snoepje

• U zit met de kinderen in de kring. Misschien moet u even wachten tot de kinderen uitgekletst zijn of wacht u nog tot iedereen er is. Pak ondertussen, alsof het de normaalste zaak van de wereld is, een snoepje uit uw zak of tas. (Het liefst een snoepje met een papiertje erom.) Bekijk het snoepje uitgebreid, haal het papiertje er langzaam van af en stop dan het snoepje in uw mond. Uiteraard negeert u alle opmerkingen van de kinderen. U kijkt met een vragend gezicht de kring rond.

• Vraag de kinderen wat het probleem precies is en laat de kinderen reageren. (“Dat is niet eerlijk.” “Wij willen ook een snoepje!” “O, dat mag niet!”) Probeer bij de kinderen uit te lokken dat ze uitleg geven, door te vragen waarom het niet eerlijk is of waarom het niet mag. Zijn er kinderen bij die roepen dat snoepen ongezond is? Haak daar dan op in!

• Rond het gesprek af door te vertellen dat de Kinderboekenweek dit jaar over eten en snoepen in kinderboeken gaat. Laat alvast een boek zien met dit thema. (Zie voor tips in dit verband de website www.kinderboekenweek.nl. Of kijk bij de Boekentips.)

• Geef de kinderen tot slot ook iets te eten. Ik raad u aan om ze iets gezonds te geven (zoals een mandarijn, een appel of rozijnen). En u belooft uiteraard aan de kinderen dat u nooit meer in uw eentje een snoepje zult gaan zitten eten in de klas!

 

Kun je dit eten?

• Plaats een grote boodschappentas in het midden van de kring. Vertel de kinderen dat u boodschappen gedaan hebt, in de supermarkt of op de markt. Willen de kinderen misschien weten wat u gaat eten? Haal steeds iets uit uw tas en laat het rondgaan.
Laat de kinderen het product voelen en ruiken. (Laat de kinderen het product ook proeven als dat kan!) En stel dan vragen. Bijvoorbeeld:
– Wie weet hoe dit heet?
– Wie kan vertellen hoe het smaakt?
– Wie lijkt dit lekker om te eten?
– Zou dit aan een boom groeien, aan een plant of onder de grond?

• Het is handig om verse producten in de boodschappentas te doen. Uiteraard bent u vrij in uw keuze, maar ik doe u tóch een aantal suggesties: wortel (met het groen er nog aan), aardpeer, aardappel, knolselderij, avocado, (bak)banaan, little gem, sla, pruim, courgette, paksoi, aubergine, komkommer, meloen en pompoen.

• Het is leuk om de kinderen kennis te laten maken met groenten, die bij hen totaal onbekend zijn. Praat met de kinderen over verhalen, waar eten in voorkomt. En vertel over de Kinderboekenweek. Lees tot slot een verhaal voor, dat te maken heeft met eten. (Bijvoorbeeld: Annie M. G. Schmidt, de verhalen Ieder een hapje, Pruimen eten of Eerste aardbeien, uit Jip en Janneke, Uitgeverij Querido.)

Wat ruikt daar zo lekker?

• Regel een broodbakmachine in de klas. Doe de ingrediënten in de machine en zet de machine ruim op tijd aan. Dus voordat de kinderen in de klas komen!
Let op! Deze actie kan verschillende collega’s, ouders en kinderen (ongevraagd) naar uw klas lokken! Tegen de tijd dat de kinderen binnenkomen, is uw klas gevuld met de geur van heerlijk, vers brood. De kinderen zullen misschien in de gang al beginnen met speculeren over de herkomst van deze heerlijke geur.

• U kunt in de kring meteen starten met de introductie van de Kinderboekenweek. Stel vragen als:
– Wat ruik je eigenlijk precies?
– Waar ruik je dat vaker?
– Wat gebeurt er in je mond als je dit ruikt?
– Van welke geur krijg je nog meer lekkere trek?

• Vertel de kinderen over het thema van de Kinderboekenweek en laat ze eventueel alvast wat boeken of verhalen zien over eten. Uiteraard mogen alle kinderen een stukje brood proeven als het klaar is. Ís het net zo lekker als ze verwacht hadden?

Werkvormen voor tijdens de Kinderboekenweek

Visje bij de thee

• Visje bij de thee is de titel van een van de boeken van Annie M. G. Schmidt (Querido). Vraag eens aan de kinderen wat ze van de titel vinden. Wat zou Mevrouw Annie ermee bedoeld hebben? Help de kinderen, door te vertellen over de typisch Hollandse term: koekje bij de thee.

• Wat zou je nog meer voor rare dingen bij de thee kunnen nemen? Laat de kinderen in het wilde weg brainstormen. Ze mogen alles noemen, als het maar enigszins eetbaar is. Misschien komen er wel verhalen naar boven over kinderen, die een boterham met pindakaas en hagelslag heerlijk vinden. En daar zullen andere kinderen weer van gruwen.

• Laat de kinderen goed nadenken over iets geks dat ze bij de thee zouden kunnen nemen. Dit gaan ze visualiseren in een tekening of een werkje op papier (knippen, scheuren, plakken).

• Laat de kinderen in ieder geval een kopje thee maken, met daarnaast het eten van hun keuze.

Boekje over vies en lekker

• Maak voor de kinderen standaardboekjes op A6-formaat. (Voor groep 1/2 maakt u boekjes van vier pagina’s en voor groep 3/4 boekjes van zes pagina’s.) Indien mogelijk zorgt u voor een nietje in het midden, zodat het boekje compleet blijft.

• De kinderen bedenken welke eetbare producten ze echt heerlijk vinden en welke producten ze echt niet lekker vinden. Het boekje mag voor de helft gevuld worden met lekkere dingen om te eten. En de andere helft mag “vies” zijn. De kinderen tekenen gezichtjes (smileys) op de pagina’s, om aan te geven wat ze van de producten vinden.
Laat de kinderen die kunnen schrijven zélf een titel bedenken voor hun boekje. Voor groep 1/2 kunt u de titel eventueel al op het boekje kopiëren. Ook mogen de kinderen een tekening op de voorkant maken en hun naam erop zetten.
De tekeningen in de boekjes kunnen gemaakt worden met potlood, viltstift of wasco.

Eethoek

• Het is heel leuk om tijdens de Kinderboekenweek een eethoek in te richten. Dat kan gebeuren met een fornuis, met pannen, potten en plastic voedsel, zodat er naar hartelust gekookt kan worden. Maar denk ook eens aan een eettafel, met borden en bestek. Je kunt ook spelen dat je aan het ontbijt of aan het diner zit met het hele gezin. Misschien een kinderstoel erbij, voor de baby. En echte pannenlappen en onderzetters voor op tafel. Een kan met water, bekers om het water in te doen. Enzovoort.

• Bij sommige supermarkten kunt u recepten krijgen, op een klein formaat papier. Die recepten zijn erg leuk om in de eethoek te leggen. “Mam, wat eten we eigenlijk vandaag?”

Etiquette

• Misschien is etiquette niet direct een onderwerp, waar u aan denkt in de Kinderboekenweek. Maar het hoort toch óók bij het onderwerp Eten. Vragen:
– Hoe eet je netjes?
– Hoe hoort het eigenlijk aan tafel?
– Welke afspraken gelden er bij jullie thuis tijdens het eten?

• Een interessant onderwerp voor een kringgesprek of voor een toneelstukje. Bovendien kunt u de afspraken in de klas tijdens de pauzehap ook meteen weer even aanscherpen!

Ik wens u en de kinderen veel plezier met de tips uit dit artikel. En ik hoop dat die tips de Kinderboekenweek in uw groep mede tot een succes zullen maken!

Boekentips

Tijdens de Kinderboekenweek kunt u als leerkracht van de gelegenheid gebruik maken om het leesplezier van kinderen te stimuleren. Het aanbieden van leuke en interessante boeken is dan een logisch onderdeel. Voor het geval dat u nog geen inspiratie hebt gehad, volgen hier nog een paar boekentips:

• Max Velthuys, Een taart voor kleine beer, De Vier Windstreken.
Over het maken en opeten van een taart. Met achter in het boek een recept voor de taart uit het boek.

• Annie M. G. Schmidt, Visje bij de thee, Querido.
In dit boek staan prachtige versjes en verhaaltjes. Bijvoorbeeld: Vingertje-Lik, Pippeloentje gaat logeren en Zwartbessie (over een kip, die niet eten wil).

• Marianne Busser & Ron Schröder, Kom je bij me eten?, Unieboek.
Muis vangt een enorme vis. Hoe zal ze hem klaarmaken? En met wie gaat ze hem delen? Een verhaal op rijm.

• Gonneke Huizing, Eten met je handen, Unieboek.
Een klein, Chinees (geadopteerd) meisje eet het liefst met haar handen. En dan vooral spinazie!

• G. van Genechten, Het grote eet-boek, Clavis (B).
Een boekje voor de jongste kinderen. Maar zeker ook nog leuk als je al zeven bent! Over alle soorten “eters”.