Aan het eind van het creatieve ontstaansproces van dit magische spektakelstuk zit het publiek klaar en het ziet op het podium stoeltjes in een halve cirkel staan. Ook aan andere dingen is duidelijk te zien, dat het hier gaat om een klaslokaal. Het schoolbord is een projectiescherm. We horen een schoolbel. Dus nu gaat er iets gebeuren!

Verhaallijn

Standbeeld

De koning komt op bezoek! Tijdens de jaarlijkse nationale feestdag (komend jaar) zal de koning met zijn gevolg het dorp bezoeken. Een enorme eer voor het dorp! Het is het gesprek van de dag. Op het plein, bij de bakker en op het gemeentehuis.
Wethouder Reutelaar heeft het hoogste woord. Bij afwezigheid van de burgemeester – wegens gezondheidsproblemen aan het kuren in Zwitserland – ziet hij (of zij) zijn (of haar) kans schoon om zijn (of haar) stempel op de zaak te drukken. Op het dorpsplein moet een groot standbeeld van de koning komen. Dat moet dan op de dag van het bezoek door de koning zelf onthuld worden. Alleen jammer dat de wethouder daarvoor de eeuwenoude beuk op het dorpsplein wil laten omhakken!

Verzet

Dat stuit op verzet van de hele dorpsgemeenschap. Een standbeeld is prima, maar niet ten koste van hun boom! De oude koningin-moeder heeft ooit onder die boom gepicknickt, weet iemand te vertellen.
De wethouder en zijn (of haar) ambtenaren houden echter vast aan het plan. Een beeldhouwer, die een broer (of zus) is van de wethouder, heeft de opdracht al gekregen.

Actiecomité

Onverwacht bezoek

Terwijl de dag dat de boom omgehakt gaat worden dichterbij komt, wordt de sfeer meer en meer gespannen.
Op de bijltjesdag staan beide kampen – vastberaden, maar niet al te vijandig – tegenover elkaar: de wethouder, met de ingehuurde boomomhakkers aan de ene kant en de mensen van het actiecomité en de overige dorpsbewoners aan de andere kant.
Dan klinkt opeens de koninklijke trompet en komt de koninklijke limousine voorrijden. Alles wordt stil, als de koningin-moeder en de burgemeester uit de limousine komen.
De koningin-moeder en de burgemeester zijn al vijftig jaar met elkaar bevriend. Ze hebben elkaar voor het eerst ontmoet tijdens de beroemde picknick onder de beuk op het dorpsplein en zijn altijd vrienden gebleven. Toevallig zagen ze elkaar weer tijdens de kuur in Zwitserland. Toen ze de brief van het actiecomité kregen, kwamen veel mooie herinneringen naar boven. En ze besloten direct af te reizen, om te voorkomen dat de boom om zou gaan!

Eind goed, al goed…

De wethouder wordt op het matje geroepen. De boom mag nooit verdwijnen! De koning wil ook geen standbeeld, zo vertelt de koningin-moeder. Nee, de koning wil dat het geld voor het standbeeld besteed wordt aan een speelparkje voor de kinderen.
Behalve de wethouder en zijn (of haar) beeldhouwende broer (of zus) is iedereen blij. De mensen dansen en springen. Het einde is een gezamenlijke, feestelijke picknick onder de eeuwenoude beuk, met de burgemeester en de koningin-moeder als gelukkig middelpunt!

Startactiviteiten

• Het onderwerp sluit naadloos aan bij het thema Koninginnedag, maar kan ook op elk ander moment van het jaar geïntroduceerd worden.

• Kernwoorden, van waaruit het onderwerp aangekaart kan worden, zijn: dorp, sprookjes, feest, koning. Dit kan in de kring plaatsvinden, met woordvelden, een verhaal of met het liedje De koning komt op bezoek! (liedje 1). Met dit liedje komen de kinderen al direct in de sfeer van de verhaallijn.

• Refereer aan het jaarlijkse bezoek, dat de koningin met haar familie brengt aan een aantal plaatsen in Nederland. Wat komt daar allemaal bij kijken? Wat wordt er georganiseerd? Vooral in een kleinere gemeenschap veroorzaakt zo’n bezoek veel opwinding en enthousiasme. Zet dit gegeven in een sprookjesachtige context en… je zit midden in het verhaal van deze minimusical!

• Na afloop van de introductieactiviteiten vertelt u in het kort het verhaal De koning komt op bezoek! (Zie hiervoor: Verhaallijn, pag. 50-51.)
» Zie: liedje 1.

• Voor alle activiteiten geldt: laat de fantasie en de creativiteit van de kinderen de vrije loop. Niets hoeft vooraf vast te liggen. Alle tips en suggesties die hier gegeven worden, zijn niets meer en ook niets minder dan dat. Ze vormen de handvatten om het onderwerp aan te pakken.

• Bedenk samen met de kinderen een passende naam voor het dorp, de wethouder, het bakkershulpje, de burgemeester, enzovoort.

Scènes

Scène 1: op het dorpsplein
Op het dorpsplein loopt de dorpsomroeper met zijn (of haar) bel en kondigt de komst van de koning aan. Groepjes mensen praten hier blij over.
Dit is een korte introductiescène, die eventueel zonder decor – dus “voor het doek” – met alleen de dorpsomroeper gespeeld kan worden. De eerste, échte scène is dan in de bakkerswinkel. (Zie hierna: scène 2.)
Voor óf tijdens de scène in de bakkerswinkel wordt het liedje De koning komt op bezoek! (liedje 1) gezongen.
» Zie: liedje 1.

Scène 2: in de bakkerswinkel
In de bakkerswinkel praten de mensen over het aanstaande bezoek van de koning. Iedereen is enthousiast. Een dorpsbewoner weet nog te vertellen over de laatste keer dat iemand van het koningshuis in het dorp is geweest. De oude koningin-moeder heeft toen nog onder de beuk gepicknickt.

Scène 3: op het plein
Op het plein kondigt de dorpsomroeper een bijzondere raadsvergadering aan op het gemeentehuis.
Dit is een korte overgangsscène, die eventueel weer “voordoeks” kan plaatsvinden.

Scène 4: in de raadzaal
In de raadzaal lanceert de wethouder zijn (of haar) standbeeldplan tijdens een algemene vergadering. De aanwezige dorpsgenoten reageren geschokt.

Scène 5: in de bakkerswinkel
In de bakkerswinkel wordt nagepraat over de plannen van de wethouder. Er wordt een actiecomité opgericht. Het bakkershulpje neemt het voortouw. Hij (of zij) haalt iedereen over om mee te doen. Hij (of zij) wordt de actieleider. De taken worden verdeeld.
Het actielied De beuk erin! (liedje 2) wordt gezongen.
» Zie: liedje 2.

Scène 6: tussenscène
Nu volgt een tussenscène. Een van de activiteiten van het actiecomité is: het sturen van een brief naar de koningin-moeder en de burgemeester. In deze tussenscène ontvangen koningin-moeder en burgemeester afzonderlijk van elkaar deze brief en winden zich erover op. Mooie herinneringen aan het dorp en de picknick onder de beukenboom borrelen op.

Scène 7: op het (markt)plein
Op het (markt)plein staan de actievoerders en de boomomhakkers tegenover elkaar, als de koninklijke limousine arriveert. De koningin-moeder en de burgemeester lossen de zaak naar ieders tevredenheid op. Alleen “De Reutel” (wethouder Reutelaar) en zijn (of haar) beeldhouwende broer (of zus) zijn duidelijk niet blij. Het bakkershulpje wordt op de schouders genomen en wordt toegejuicht als een held!
Het slotlied De beuk op het plein (liedje 3) vormt de afsluiting van de musical.
» Zie: liedje 3.

Rollen

Aandachtspunten

• Typetjes
Laat de kinderen bedenken welke rollen in het stuk moeten voorkomen. Laat van elke rol een typetje maken. Niet alleen qua uiterlijk en naam, maar ook qua gedrag en taalgebruik. Als handvat geven we u het volgende lijstje:
– Dorpsomroeper: leuk kostuum en bel.
– Wethouder: arrogant en bazig.
– Burgemeester: oud, bedaard en wijs.
– Koningin-moeder: oud en vriendelijk.
– Bakker/bakkershulpje: bakkersmuts en schort.
– Boomomhakkers: helm, veiligheidshesje, bijl of (ketting)zaag.
– Leden actiecomité: (over)enthousiast, brengen de gekste plannen naar voren.
– Ambtenaren/bode: stoffig, bril, map met papieren onder de arm.

• Dienstverlenende rollen
Denk ook aan dienstverlenende rollen als souffleur, geluidsman (of -vrouw), medewerkers attributenbeheer (decorwisselingen), enzovoort. Hiermee kunnen ook kinderen hun steentje bijdragen, die zich op een toneel diep ongelukkig voelen.

Suggesties voor de rolverdeling

• Intekenen
Laat alle kinderen intekenen op drie rollen, naar gelang hun voorkeur. Verdeel daarna de rollen zo evenwichtig mogelijk onder uw leerlingen, rekening houdend met de opgegeven voorkeuren en de door u ingeschatte kwaliteiten.
Nota bene. Natuurlijk staat het u vrij om dit op een andere manier te doen.

• Dialogen vastleggen
De dialogen ontstaan spontaan tijdens het oefenen. U kunt een en ander wel sturen, zodat in elk geval gezegd wordt wat gezegd moet worden voor een goed begrip van het verhaal. Leg dit wél vast. Of laat dit door kinderen (tekstschrijvers) doen.

• Draaiboek
De grote lijnen kunt u (laten) vastleggen in een soort draaiboek. De kinderen kunnen dat mee naar huis nemen om hun rol (tekst) te oefenen.

Locaties en decors

Suggesties voor locaties

• Dorpsplein
– Het dorpsplein: de beuk, bankje. Wek de suggestie van een mooi, rustig dorpsplein. Denk hierbij bijvoorbeeld ook aan een muziekkiosk, de gevel van een kruidenierszaak of bakkerswinkel en natuurlijk veel groen.
– De slotscène op het plein kunt u laten plaatsvinden op de marktdag. Er staan gezellige marktkraampjes. En er zijn allerlei extra activiteiten én rolletjes mogelijk: elkaar beconcurrerende kooplieden, demonstraties van “unieke” producten, levende standbeelden, gedoe over de versheid van het fruit of de vis, kibbelende klanten.

• Raadzaal
De raadzaal: portret koning, spreekgestoelte. Een spreekgestoelte met een voorzittershamer, enkele rijen klapstoelen, het portret van de koning en eventueel het gemeentewapen. Een bode die de deur “bewaakt”, maakt het helemaal af.

• Bakkerswinkel
– De bakkerswinkel: balie met brood. Wellicht is het bakkerswinkeltje al te zien vanaf het plein. De binnenkant is gezellig, knus. Wat reclameborden voor brood(producten), een balie met broden en broodjes en de bakker met bakkersmuts en schort.
– Het winkeltje vormt het ontmoetingspunt voor de mensen van het dorp. Er wordt bijgepraat en geroddeld over van alles en nog wat. Dus ook over het aanstaande bezoek van de koning en de plannen van de wethouder.

Suggesties voor decors

• Materialen
– Laat de kinderen zelf ideeën aandragen voor de decorstukken, de aankleding. Wellicht hebben ze thuis spullen, die bruikbaar zijn.
– Ook is het handig om bij winkels in de buurt even na te vragen of ze misschien iets hebben voor de musical (zoals posters en etalageattributen). Mag de school het materiaal houden? Of is het te leen?

• Ontwerpen en maken
Het zelf ontwerpen en maken van decorstukken – in groepjes of individueel – is natuurlijk het allerleukst. Met flinke stukken karton en stevig behangpapier kan veel gedaan worden. Probeer het eenvoudig te houden. Maak vooral gebruik van materiaal dat al voorhanden is.
Belangrijk is dat de kinderen vooraf een degelijk ontwerp hebben, zodat ze niet in het wilde weg aan de slag gaan. Denk aan de volgende zaken:
– Het ontwerpen en schilderen van het portret van de koning.
– Het ontwerpen en schilderen van het gemeentewapen, eventueel met een bestaand wapen als uitgangspunt.
– De koninklijke limousine. (Alleen de zijkant op karton!)
– Spandoeken, waarbij allerlei graffititechnieken kunnen worden toegepast.
– Een ontwerp voor het op te richten standbeeld (ouderwets, saai en statisch).
– Broden en taarten, te maken van papier-maché of brooddeeg.

De liedjes

• Liedje 1
Het titellied De koning komt op bezoek kan al als introductie in de groep dienstdoen. Het vormt ook de introductie van de musical, na de aankondiging van de dorpsomroeper.

• Liedje 2
Het actielied De beuk erin! wordt gezongen in scène 5 door de leden van het actiecomité. Het bakkershulpje begint te zingen. En steeds meer aanwezigen vallen hem (of haar) bij. Het slotcouplet wordt door allen meegezongen.

• Liedje 3
Het slotlied De beuk op het plein vormt de feestelijke afsluiting van de musical, aan het eind van scène 7. Het kan naar keuze door iedereen, door groepjes of door individuele kinderen worden gezongen.

Uitbreidingsmogelijkheden

Circusfeest

– Als uitbreiding op het verhaal kan de goede afloop ludiek (sprookjesachtig) gevierd worden met circusachtige optredens op het plein. Denk aan de in liedje 1 genoemde goede fee en hofnar. Het feestelijke karakter en de hechte gemeenschapszin kunnen hiermee benadrukt worden.
– Optredens van jongleurs, acrobaten en clowns. Spreek de talenten van uw groep maar aan! Laat ook de slechteriken (de wethouder, bode en boomomhakkers) een optreden verzorgen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een “lief” dansje van de stoere houthakkers à la Monty Python.

Hoedjesdag

Ook een variant op de gekkehoedjesparade op Prinsjesdag kan een ludiek onderdeel vormen van de protestdag. Laat alle kinderen een gek hoedje ontwerpen en maken. Op het plein kan een modeshow gehouden worden, met de verkiezing van het leukste, origineelste of gekste hoedje.

Programmaboekje

Een programmaboekje maakt uw musicalproject helemaal af. Hierin komt natuurlijk alle gebruikelijke informatie:
– titel;
– korte inhoud;
– spelers en andere medewerkers;
– datum en tijd van de uitvoering, enzovoort.
Het maken van het programmaboekje kan deel uitmaken van de taakverdeling binnen uw groep.

Liedje 1

De koning komt op bezoek!

Tekst: Jan de Haan
Muziek: Frans van de Goor

1
De koning komt op bezoek.
Haal de slingers uit de kast.
De koning komt op bezoek.
Hang de vlaggen aan de mast.
Misschien neemt hij de prinsjes mee,
de hofnar en de goede fee.
Misschien neemt hij de prinsjes mee,
de hofnar en de goede fee.

2
De koning komt op bezoek.
Rol de rode loper uit.
De koning komt op bezoek.
Alle mensen zingen luid.
De gouden koets blinkt in de zon.
De koster speelt het carillon.
De gouden koets blinkt in de zon.
De koster speelt het carillon.

De geluidsbestanden van dit lied vindt u in de lijst hierboven.
De melodie wordt drie keer gespeeld. Hierdoor ontstaan er mogelijkheden voor:
– herhaling couplettekst 1 of 2;
– een vrolijke rondedans;
– een eigen tekstimprovisatie.

Liedje 2

De beuk erin! (Actielied)

Tekst: Jan de Haan
Muziek: Frans van de Goor & Jan de Haan

1
Hé, hallo, word eens wakker!
Onze beuk mag echt niet om.
Ieder hier bij de bakker
vindt dat plan toch oliedom.

Refrein
Onze beukenboom, die moet blijven staan.
Onze beukenboom, die mag nooit vergaan.

2
’t Is nu tijd: harde actie!
Mensen, kom, de beuk erin!
Onze beuk, de attractie.
Blijven kniezen heeft geen zin.

Refrein

3
Schrijf die brief! Maak dat spandoek!
Wethouder, jij krijgt nog spijt.
Niemand hier gooit de handdoek,
wel elk middel in de strijd.

Refrein

4
Ja ’t is tijd: harde actie!
Mensen, kom, de beuk erin!
Onze beuk, de attractie.
Blijven kniezen heeft geen zin.

Refrein

De geluidsbestanden van dit lied vindt u in de lijst hierboven.

Liedje 3

De beuk op het plein (Slotlied)

Tekst: Jan de Haan
Muziek: Frans van de Goor

1
De beuk op het plein gaat niet weg. (2 ×)
De wethouder heeft even lekker pech.
De beuk op het plein gaat niet weg.

2
We vieren vandaag alvast feest. (2 ×)
De acties zijn heus niet voor niets geweest.
We vieren vandaag alvast feest.

3
Wat kijkt onze wethouder sip. (2 ×)
Hij zit zo te zien in een reuze dip.
Wat kijkt onze wethouder sip.

4
De kinderen krijgen een park. (2 ×)
Geen beeld van de koning als stijve hark.
De kinderen krijgen een park.

5
De beuk op het plein gaat niet weg. (2 ×)
De wethouder heeft even lekker pech.
De beuk op het plein gaat niet weg.

6
Dat hebben we samen gedaan. (2 ×)
We hebben gezorgd dat de boom blijft staan.
Dat hebben we samen gedaan.