Elke maand leest u hier een ‘bespiegeling’ van een van de columnisten van Praxisbulletin. Deze maand schrijft Gallus over de wensen en eisen van ouders.

Van Mats hoorde ik dat hij een onvoldoende hand voor de rekentoets. Ik verwacht dat hij hiervoor extra huiswerk meekrijgt.”

De creamiddag was (weer) een geweldig succes. De kinderen hebben met veel plezier en tomeloze inzet gewerkt. De resultaten stonden nog lang in de hal tentoongesteld voordat de trotse makers ze vlak voor de meivakantie mee naar huis namen. Positivisme alom!
Zonder de inbreng van enkele enthousiaste ouders was dit succes niet mogelijk geweest.
Ook op andere vlakken mogen we ons gelukkig prijzen met zoveel fijne, betrokken ouders. Van meedenken in medezeggenschapsraad en oudervereniging tot hand-en-spandiensten bij excursies, leesgroepjes en andere activiteiten.

Echter, is er ook iets anders gaande.
Het valt me op dat het vaker voorkomt dat ouders binnen benen (via briefje, e-mail of in levende lijve…) en op hoge poten eisen stellen. De toonzetting is van een hoog “U moet…” en “Ik eis…” gehalte.
Of dat nu gaat over het schooladvies in groep 8, de samenstelling van een combigroep, het sneeuwvrij maken van het plein of zelfs de onvoldoende voor de rekentoets.

Mensen worden steeds mondiger.
Allerlei (overheids)instanties geven veel voorlichting over onze rechten en waar we terechtkunnen met onze klachten. We zijn kritische consumenten geworden die er niet voor schuwen om hard tegen hard te spelen. Met een muisklik hebben we een goedkoper adres gevonden en heeft de aanbieder het nakijken. De strijd om de gunsten van de consument is hevig en zonder mededogen. De klant is letterlijk koning geworden. En zoals bij koningen gebruikelijk, vertoont zijn realiteitszin sporen van ontbinding. We neigen er steeds vaker naar om de schuld van onze ‘rampspoed’ buiten onszelf te zoeken. De leverancier, de buurman, de overheid, de samenleving. Die moeten dus ook voor de oplossing van ons probleem zorgen.

Diezelfde houding lijken steeds meer ouders ook aan te nemen ten opzichte van de school van hun kind. In landen als de Verenigde Staten is dit al gemeengoed. In feite is daar het economisch marktmechanisme in het onderwijs ingevoerd. Het gevaar daarvan is dat de relatie tussen school en ouders verwordt tot de oppervlakkige binding tussen leverancier en klant.
Ouders hebben echter naast rechten als consument ook plichten en verantwoordelijkheden als verantwoordelijke opvoeder.

“Ouders moeten meer tijd vrijmaken voor de begeleiding van hun schoolgaande kinderen. De opvoeding en de overdracht van waarden en normen moet prioriteit krijgen, desnoods ten koste van werk en andere activiteiten.”
2011, minister Marja van Bijsterveldt van Onderwijs

Mensen die een gezamenlijke verantwoordelijkheid dragen voor de opvoeding en ontwikkeling van kinderen dienen dat in een gezonde op respect gebaseerde relatie te doen. Het belang van het kind staat altijd voorop, niet het belang en/of het ego van school of ouders.
Natuurlijk staan wij als school en ik als leerkracht open voor kritiek. Ouders kunnen met (bijna) al hun zorgen en problemen bij mij terecht. Maar dan wel graag op een respectvolle manier.

De vader van Mats heb ik uitgenodigd voor een gesprekje.

Gallus